We hebben alle drie goed geslapen in het midden van het bos. We starten onze dagelijkse routine weer met alles klaarmaken en ontbijten. Dan is het tijd om via de hobbelige weg terug te vertrekken. We rijden nu eigenlijk de route naar huis, maar stoppen onderweg nog meerdere keren om leuke dingen te doen, zodat het niet alleen rijden is. Maar in principe is elke rit, die we nu doen, een stukje dichter naar huis. We blijven wel nog in Polen, vermits ze hier nog goed weer geven en in Duitsland voor vandaag en morgen niet zo. We rijden naar het dorpje Itawa, waar we de auto parkeren iets verderop dan waar de wandeling begint. We wandelen naar het begin van de wandeling om tot de vaststelling te komen, dat er ook een parking is. Jimmy dan maar snel de auto gaan halen en dan begonnen we aan de wandeling van 9km door een bos en rond een meer. Je ziet hier toch echt al wel, dat de herfst begonnen is, maar ik vind dat dan ook wel zalig met de krakende bladeren onder je voeten en de mooie kleuren in de bomen. Misschien wel een van mijn favoriete seizoenen, hoewel ik ze allemaal wel hun charme vind hebben. We wandelen eerst een heel stuk rond het meer en door het bos. Dan een klein stukje voorbij wat huizen en vervolgens slaan we terug af het bos in. We horen regelmatig geritsel tussen de bomen, dus we zijn niet alleen, maar we zien niet, wiens paar ogen naar ons kijkt. In alle drie de landen (Litouwen, Pletland en Polen) hebben we veel wilde dieren gezien, dus je bent hier wel alleen qua mensen, maar niet qua dieren.

Bij aankomst aan de auto reden we nog een stukje verder en stopten vervolgens aan een Kaufland. Daar gingen we even wat winkelen en dan besloten we in de auto te picknicken, want het was al 13:15 intussen. We aten gezellig onze lunch in het bsuje en reden dan nog een klein uurtje verder naar Bydgosczc. Hier wilden we een stadsbezoekje doen en de hoofdbezienswaardigheden bekijken, maar de meeste parkings waren zeer vaag hadden we online al gezien. Jimmy had er eentje gevonden, die online wel 2m30 hoog was, maar ondergronds. Dat zou normaal moeten lukken, maar bij aankomst hing er toch maar 2m10 op en wij zijn 2m12. Op het zicht leek het wel hoger, maar dat risico nemen? Ik dan maar met mijn beste Pools naar de parkingbewaker in zijn hokje om te kijken of hij mij zou verstaan. De man was super vriendelijk en behulpzaam en zei, dat de ingang inderdaad hoog genoeg is, maar het plafond vervolgens na een klein stukje in de parking lager wordt. We overleggen even en hij gaat akkoord, dat we ons vlak naast zijn hokje parkeren, waar het eigenlijk normaal gezien niet de bedoeling is. Vervolgens zegt hij ook nog: ik zie dat jullie Belgen zijn, ik weet dat jullie de beste chocolade ter wereld hebben. Maar hier is Poolse chocolade, die jullie zeker eens moeten proberen, want die is ook echt heel lekker.

Een super lieve en behulpzame man dus, fijn dat er zo’n mensen ook zijn. Met een warm gevoel en de zekerheid dat ons busje zeker in goede handen was, trekken we dus met zijn drietjes het stadje in. Daar wandelen we meteen langs enkele prachtige gebouwen en de rivier. Vervolgens komen we op het marktplein uit, waar het stadhuis ligt, enkele mooie gebouwen natuurlijk en er een man met honderden duiven rond zich zat. Idyllischer kan het nauwelijks worden. Bij de toeristische dienst vraag ik voor een kaartje en wat info en dan bezoeken we de belangrijkste gebouwen.

We beginnen bij het eilandje, waar de kathedraal ook aan grenst. Dit zijn de enige originele overgebleven gebouwen, de rest is tijdens WOII en door de Zweden verwoest geweest. Ze kregen na WOII veel geld van Berlijn om de gebouwen terug op te bouwen en daarom neigt het ook al een beetje qua gevoel en stijl naar een Duits stadje: veel vakwerkhuisjes, veel typische Duitse villa’s etc. Maar desalniettemin wel een heel mooie stad met de rivier, die er midden doorheen stroomt en daardoor een bepaald gevoel van gezelligheid geeft. We bezoeken de kathedraal ook aan de binnenkant en die is heel erg kleurrijk in verhouding met de meeste kerken. Vervolgens nog enkele standbeelden, enkele bekende bouwwerken en enkele muurschilderingen. Na een 3-tal uurtjes houden we het voor bekeken, want we hebben al weer veel kilometers in de benen en moeten ook nog iets gaan eten. We wandelen dus terug naar de garage en eten dan ook het chocolaatje nog even op, zodat we de man onze feedback kunnen geven. Hij was super vriendelijk en legde ons nog uit, dat de chocolade van een kasteel in Polen komt en helpt ons zelfs kijken bij het uitrijden. Kortom, er bestaan ook nog veel echt oprecht goede mensen. We laten de stad achter ons en rijden een half uurtje uit het drukke centrum.

Daar gaan we bij een klein en gezellig Italiaans zaakje in de veranda zitten en bestellen we een pizza en een pasta. Het is echt een typisch Inez-zaakje met veel plantjes, bloemetjes en vintage-toestanden. Zalig! We hebben lekker gegeten en drinken nog op ons gemak ons drankje op. Dan beslissen we nog een klein uurtje door te rijden naar een bos. Daar komen we toe in het donker en beslissen we dus te overnachten. We gaan wel beneden slapen, want ze geven voor vannacht onweer en regen. Normaal niet boven ons, maar als de wind lichtjes zou draaien, zou het toch kunnen. Je hoort hier de vogels van het meer iets verderop heel veel lawaai maken en nadat we wat gelezen hadden en dan gingen slapen, hoorden we zelfs in de verte de herten (of elanden?) brullen. Zalig weer om zo in slaap te vallen.

The Woody Tales:
Ik werd wakker in het bos en daar aten we dan ook ons ontbijt. Ik ging meteen nog enkele snuffelwerken doen en dan mocht ik toch nog een tijdje in het busje, alvorens we bij de wandeling aankwamen. We gaan voor de verandering nog eens in een bos en rond een meer wandelen. Maar mij hoor je niet klagen, want ik doe dat graag. We wandelen een 9-tal kilometer door het bos en rond het meer. Ik ga er maar heel eventjes in, want ik moet terug droog zijn voor ik aan het busje ben. Voor de rest rol ik vooral heel erg veel in de vers gevallen bladeren en geniet ik van de beweging en de koele boslucht. Want het is toch weer best warm weer. Na de wandeling komen we terug aan het busje en moeten we nog een stukje rijden. De baasjes gaan nog even lunch kopen in de winkel, terwijl ik in het busje wacht en vervolgens eten we samen onze lunch in het busje. De baasjes zeggen wel, gezellig met ons drietjes, maar ik had de zetel toch ook graag voor mij alleen gehad hoor. Nu was het van de rolmops-houding in plaats van lekker uitgestrekt op mijn sofa. Daarna kon ik nog wat slapen, alvorens we aankomen bij een stadje waarvan ik de naam niet kan uitspreken.

Wie kan zoiets ook uitvinden? 4 medeklinkers na elkaar… Geen mens krijgt dat gezegd, laat staan een hond. Bazinnetje moet daar weer iets fixen met de parkingbewaker, zodat mijn busje veilig staat en we zeker zijn, dat we ons dak behouden. Zo’n cabrio-busje zou wel tof zijn, maar denk toch ook wel dat het nat en koud kan zijn bij slecht weer. We vertrekken bij de parking en wandelen langs heel veel oude gebouwen. Hier in de stad is er ook veel te ruiken.

We wandelen ook een stukje langs de rivier en mijn neus staat niet stil. Al helemaal niet, als er andere hondjes voorbij komen, die ook zeer in mij geïnteresseerd zijn, zoals die mooie Golden Retriever. Dan komen we op het grote marktplein uit, waar hééél veel duiven zitten. Als we dichterbij wandelen stel ik mij een beetje op als een grote boze hond, door me groot te maken en die beesten natuurlijk helemaal onder de indruk allemaal weggevlogen. Haha. Er zijn ook een soort gekke dampfonteintjes, waar baasje me dooruit probeert te zeulen, maar daar ben ik wat minder stoer. Bazinnetje regelt bij de toeristische dienst een kaartje en wat info. Vermits het zo lang duurt, laat ik even horen, dat die man moet stoppen met zagen, want dat ik mijn bazinnetje terug wil.

Dankbaar komt bazinnetje naar buiten, want die was het gezaag ook wel beu denk ik. Fier, dat ik iets goed gedaan heb, loop ik langs haar op richting het eilandje, waar enkele belangrijke gebouwen staan. Ik ben natuurlijk iets meer geïnteresseerd in de bijhorende grasperkjes naast de gebouwen. In de kathedraal mag ik helaas niet gaan kijken, want het huis van god staat open voor iedereen, maar blijkbaar niet voor Woody. De baasjes wachten om de beurt buiten en kijken binnen of ze geen wijwater hebben om mij te laten drinken. Volgens de baasjes ga ik dan nog beter luisteren en een nog flinkere jongen zijn. Ik denk eerlijk gezegd niet, dat dat mogelijk is hoor. Dus ik ben ook wel blij, dat ze zonder wijwater terugkomen. Hierna wandelen we nog langs enkele andere gebouwen, standbeelden en muurschilderingen en dan gaat het terug naar de garage. Hier staat mijn busje nog steeds in al zijn pracht en praal intact te wezen, dus dikke merci aan de meneer van de garage. We rijden nog een stukje door en dan stoppen de baasjes bij een pizzeria. We mogen enkel in de veranda zitten, omwille van mij, maar dat vinden we niet erg, want die is net super gezellig ingericht.

Ik slaap wat bij op mijn dekentje terwijl de baasjes eten en als ze klaar zijn, vertrekken we terug richting een bos. Ik ga nog even mee buiten snuffelen met de baasjes en dan hoor ik hen overleggen, over waar ze gaan slapen. Dat kunnen ze nu toch niet menen hé? Maar jawel, omdat het weer vannacht onzeker is, moet ik mijn benedenverdieping terug delen met hen. Dat vind ik maar niks. Maar ok, er zit niks anders op. Ik krijg nog een beetje de tijd en kans om in mijn zeteltje te liggen, tot ze klaar zijn met lezen en een spelletje spelen. Dan wordt alles naar een bed voor hen omgebouwd en heb ik dus nog maar de helft van mijn normale plaats. Met een diepe zucht om mijn ongenoegen te laten blijken, laat ik me dan maar op mijn matje zakken en val toch relatief snel in een zeer diepe slaap. Mijn gesnurk en geknor moeten zij er dan maar bijnemen, als zij in mijn ruimte willen komen slapen.
