
Vanochtend ging de wekker al om 04:00 af. Nog even wat voor het werk gedaan en dan de laatste spulletjes ingepakt en opgeruimd, zodat we helemaal klaar zijn voor vertrek. We hebben lang genoeg moeten wachten en kunnen nu eindelijk onze rondreis in Peru beginnen. Bovendien is het vandaag sowieso een speciale dag, want we zijn ook exact 10 jaar samen! Een rondreis door Peru is dan ook een ideale manier om dat te vieren!
Eerst reden we richting de oudjes om 06:30 en zij brachten ons dan veilig en wel naar Schiphol. Gelukkig waren we er al om 10:00 want het was enorm druk en dus vrij lang aanschuiven. Na het droppen van onze bagage, ging het richting de controle.
Bij mij ging de machine natuurlijk weer af, dus volledig gefouilleerd. Jimmy zijn rugzak zat volledig vol met laptop, spiegelreflex, powerbanks, etc., maar ook daar gaf enkel de mijne iets vreemds aan. Dus ook daar moest ik de rugzak opendoen en alles tonen. Blijkbaar was de bibliotheekboek het probleem en moest er dus een drugsscan genomen worden. Vervolgens konden we nog op ons gemakje een lekker broodje eten en dan moesten we al stilletjes richting onze gate. Om 12:00 begon het boarden en we zaten helemaal achteraan in het vliegtuig, naast een Antwerpenaar Steven. Uiteindelijk riepen ze dan plots toch nog een vertraging af en hebben we tot kwart na twee moeten wachten voor we konden opstijgen. Stomme stakers, maar geen erg... Het is vakantie, dus we hebben tijd! Na een vlucht van 12 en een half uur, het minst vage vliegtuigeten tot nog toe, de nodige schoonheidsslaapjes en filmvertier, kwamen we eindelijk aan in Lima.
Daar door de douanecontrole en dan proberen geld af te halen. Steven kon direct geld krijgen, bij ons blokkeerden 3 van de 4 kaarten. Dan maar naar de inkomhal en daar een automaat geprobeerd en dat lukte wel. Vervolgens besloten we een taxi te delen en moesten we nog een ritje naar Miraflores van 50 minuten ondernemen. Het verkeer is ook hier vrij druk en chaotisch, dus dat belooft voor overmorgen, wanneer we zelf moeten rijden... Intussen zitten we ingecheckt in onze kamer, met naar goede traditie een lekker glaasje whiskey in de hand. En daarna gaan we slapen, want hier is het nu intussen avond.
Na een relatief goede nachtrust, waren we toch al om kwart na zes wakker. Vervolgens maakten we ons even op ons gemak klaar en gingen we ontbijten. We hadden een heerlijk ontbijt met zeer veel keuze, waaronder hier en daar ook onbekende dingen, zoals de granadilla’s. Ziet er vrij snotterig uit, maar is familie van de passievrucht en eigenlijk is het heel lekker. Daarna besloten we meteen van start te gaan met onze dag in Lima. Eerst bezochten we het Palacio Municipale en de Iglesia Paroquia Virgen Milagrosa Parish aan het einde van het Kennedy Park. Dit park is tevens ook vooral bekend door de vele zwerfkatten. Hierna wandelden we verder naar het Huaca Pucllana. Dit is een oud piramidestelsel opgebouwd uit adobes (zelfgemaakte stenen uit klei, opgebouwd zoals een boekenkast). We waren te vroeg en moesten even aan de inkompoort wachten en daar spotten we al meteen het eerste dier: twee grijze eekhoorns.
Om 09:00 ging de poort dan open en konden we naar binnen. Je mag de site enkel met gids bezoeken en dus moesten we een half uurtje wachten en dan zou de 1-uur durende tour beginnen. Intussen leerden we een Spaans koppeltje kennen en besloten we samen een taxi te delen richting Lima Centraal na de tour. De rondleiding bij de piramide was best interessant en de gids kon goed Engels. De mensen in onze groep waren 1 groot rariteitenkabinet en we hebben dan ook serieus onze lach moeten inhouden bij momenten. Na de rondleiding moesten we eventjes op de Spanjaarden wachten en vervolgens gingen we samen naar een grote weg om een taxi aan te houden. 15 soles armer en een rit in het drukke verkeer rijker, werden we getrouw afgezet op de gevraagde bestemming.: Plaza Mayor (Plaza de Armas). Dit is het oudste plein van Lima, gebouwd in 1535. Het plein wordt omringd door de Cathedral de Lima, het Casa Pizarro, Palacio Arzobispal de Lima, het stadhuis en Club de la Union. Hier splitsten we onze wegen met de Spanjaarden, want we hangen niet graag vast aan andere mensen ☺. We genoten even van de muziek van de fanfare en bewonderden de mooie gebouwen.
Vervolgens wandelden we een blokje om naar de San Francisco kerk en het klooster. Onderweg kwam je veel mooie koloniale woningen met houten uitgesneden balkons tegen. Intussen was het stilletjes 12uur en besloten we een typische Sanguiche (sandwich) te gaan eten in een Peruviaans zaakje. We werden naar boven geloodst en Jimmy koos voor gerookte ham en ikzelf voor Peking eend. Onze eerste typische Peruviaanse lunch was meteen een succes! Hierna bezochten we de binnenkant van de kathedraal en besloten we nog een aantal gebouwen en torens te bewonderen. Vervolgens hielden we een taxi aan met de gok, dat het een betrouwbare is. Ze zien er hier allemaal vaag uit, maar diegene met het gele nummerplaat zouden toch origineel en veilig zijn. Hij bracht ons terug naar onze buurt in Miraflores en we wandelden even langs het hotel. Na een korte plaspauze gingen we te voet naar de toeristische dienst en wandelden we richting Larcomar, een populair shoppingcenter. Van hieruit kan je de Malecon-route wandelen naar Barranco, een andere buurt van Lima.
De wandeling duurde ongeveer 1uur en liep langs de kust. Onderweg zagen we al twee onbekende vogels en de mooie kliffen waarop de stadsrand van Lima gebouwd staat. Eenmaal in Barranco moesten we een heel eind wandelen om tot de kern van het centrum te komen. Hier is de Puente de los Suspiros. Een brugje gebouwd om de twee wijkdelen te verbinden. Vanaf hier heb je veel mooie graffiti tekeningen op de muren en bruggen. Na een korte wandeling door dit centrum keerden we terug naar Miraflores en gingen we onze simkaart kopen. Dan eventjes iets uitgehaald om te drinken en even gerust in het hotel en opgezocht voor morgen. Tegen de avond zijn we in een visrestaurantje in onze straat gaan eten, dat hoog aanbevolen werd op internet. Het was een gezellig gebouw en we kozen als voorgerecht voor een van de nationale gerechten: Ceviche (=rauwe gemarineerde vis). De smaak was niet slecht, maar ik ben er toch ook niet van omvergeblazen. Het nationale drankje Pisco daarentegen kon ik wel echt smaken! Als hoofdgerecht kozen we voor pasta met verse zeevruchten. De pasta was doordrenkt in inktvisinkt en enorm lekker. Alleen moeilijk om te eten zonder dat alles zwart zag. Hierna rondden we ons etentje af en kropen we moe maar voldaan ons bedje in. Morgen verlaten we de hoofdstad en gaan we meer de natuur in
Vanochtend waren we ook al weer om iets voor zes wakker. Handig, want het is hier al vrij vroeg licht en zo heb je meer tijd om de dag door te brengen. We maakten ons klaar, gingen nog eens goed ontbijten en vervolgens brachten we een bezoekje aan de bank. Onderweg nog even enkele graffiti’s gefotografeerd en dan in het hotel nog even al onze spullen wat opgeruimd en gerangschikt. Vervolgens gingen we uitchecken en bleek een taxi via het hotel dan toch te duur. Dan maar zelf eentje aangehouden en meteen in mijn beste Spaans 10 soles afgedongen. Chance dat ik veel begrijp door het Frans en een aantal Spaanse basiswoorden en –zinnen ken. De chauffeur bracht ons door het super drukke verkeer van Lima naar een vagere buurt, waar dan plots toch de verhuurmaatschappij lag. Hier kregen we een vrij nieuwe auto Toyota mee en kregen we een vriendelijke en behulpzame Engelse uitleg van de medewerker.
Alles was ok, dus we konden vertrekken. In plaats van vooruit, zette Jimmy de automatische auto in achteruit en kreeg de verhuurmaatschappij al bijna een beslag, vermits er nog een auto achter ons stond. Waarschijnlijk zag dit er voor hen niet veelbelovend uit. Toen we de poort uitreden werden we meteen in het drukke verkeer van Lima gedropt en hebben we echt enkele keren “How Jacques” geroepen, zeker op de rotondes met zes rijvakken, waar iedereen maar iets doet en wij helemaal naar het binnenste rijvak moesten. Kortom, niet te veel nadenken, gewoon gaan, toeteren en bumperkleven... We vervolgden onze weg richting de Panamerican Highway, maar onderweg waren we toch even misgereden, recht in de buitenwijken van Lima. Deze staan in schril contrast met de grote stad en lijken zelfs op een naoorlogs gebied. Uiteindelijk toch terug op de weg geraakt en gedurende twee uur richting het noorden gereden. Saai is zo’n autorit zeker niet, want je kijkt hier echt je ogen uit. Helaas wel veel armoede, maar dat hoort er bij.
Rond de middag kwamen we aan in Chancay en moesten we eten zoeken. Alles zag er even vaag uit, dus we stopten aan een drukker tankstation. Het eerste stonk enorm naar urine en ze hadden slechts heel weinig in het winkeltje. Dan naar een andere plaats gereden waar wel veel lokale mensen zaten te eten. Daar aten we een Spaanse sandwich en bleken we ook echt de enige blanke mensen te zijn, wat leidde tot enorm veel bekijks. Desondanks zijn de mensen allemaal enorm vriendelijk en best behulpzaam. We reden verder naar het laatste stuk tot bij Lomos de Lachay, waar we de zandweg opreden. Al snel ging het woestijnlandschap over naar een mooie groene oase met bergen, mossen, bloemen, bomen en enorm veel vogels. We reden verder het park in op een weggetje op de bergpas, dat echt maar voor 1 auto gemaakt was, maar waar je toch elkaar moest passeren. Gelukkig ging dat goed en kwamen we aan bij het begin van de wandeling. Onderweg hadden we al 1 roofvogel gezien en al snel volgden er nog 2. We wandelden omhoog naar de Mirador, waar je een prachtig uitzicht over de groene heuvels had. De mist maakte het geheel een beetje mysterieus. Vervolgens wandelden we de Tara route, die ongeveer een dik uurtje zou duren. In totaal duurde het iets langer, want we kwamen best veel vogels tegen en stopten regelmatig om te observeren.
Toen we terug aan de auto kwamen, reden we het bergweggetje terug af richting de snelweg. Onderweg vroeg een meisje in het Spaans of ze mee mocht rijden, dus dat ook maar gedaan. Na haar afgezet te hebben aan het begin van de weg, reden we de weg op... in de verkeerde richting. Er stond een pijl naar links richting Lima, maar blijkbaar waren de twee rijvakken allebei dezelfde richting. Na dit klein stukje spookrijden, maar gauw langs de kant gaan staan en toen de weg weer vrij was omgedraaid. Vervolgens de juiste weg gekozen en terug richting Chancay gereden. Onderweg werden we al meteen gestopt door een politiecontrole. De verhuurmaatschappij had ons al uitvoerig gewaarschuwd voor corruptie en dat ze gingen proberen ons geld af te troggelen en dat we dan hem moesten bellen. Uiteindelijk was dit een eerlijke agent en waren ze precies zelfs verbaasd, dat ze toeristen hadden tegengehouden.
We mochten dus verder rijden en kwamen aan in Chancay. Hier verlieten we de snelweg voor een soort gravelweg en kwamen we in een zeer vaag stadje terecht. Hier moesten we nog een verblijfplaats zoeken. Uiteindelijk aan een poort van een hotel aangebeld en in het Spaans ons verblijf en parkeerplaats geregeld. Hier zitten we achter hoge muren goed afgesloten en staat de auto ook veilig. Even een Spaans babbeltje geslaan met een medewerker, die ons uitlegde hoe we in het stadscentrum geraakten en hoe we terug binnen konden. We besloten te voet te gaan en verwonderden ons enorm in deze zeer vervallen buurt, dat er plots na een tiental minuten wandelen een bruisende straat lag met allerlei winkeltjes en eetzaken. Ook hier waren we de enige buitenlanders. We kozen voor Peruviaanse Pollo en als drank krijg je geen glas cola, maar effectief een literfles. Na het eten was het al donker, maar we besloten toch terug te wandelen in plaats van zo’n brommer-taxi te nemen. Nu nog even enkele dingen uitzoeken voor de volgende dag en dan ons bedje in, na weer een dag vol avontuur.
Naar gewoonlijke routine waren we al rond 06:00 wakker. Eerst wat plannen gemaakt voor vandaag en dan alles klaargemaakt en vertrokken. Onze gastheer liet ons via de grote poort buiten en vervolgens reden we door het verlaten en arme dorpje Chancay terug naar de Panamerican Highway. Nadat we het bewoonde stuk achter ons gelaten hadden, werd het al snel enorm mistig en zagen we nog maar 2meter voor ons. Dit stuk weg staat er bij bepaalde stukken sowieso om bekend om altijd mistig te zijn, maar nu kon je echt nauwelijks een blad voor ogen zien. Met de vier pinkers op dan maar aan trager tempo verder gereden in de hoop dat iedereen ons zag en wij ook iedereen zagen. De mensen hier rijden nl. met de oudste auto’s ooit rond en sommigen onder hen hebben dus zelfs geen lichten...
De mist was na enkele kilometers alweer volledig weg en vervolgens gingen we van het woestijnlandschap terug richting de grote stad Lima. In alle voorwijken was het verkeer enorm druk en hebben we echt duizend keer bijna ongelukken zien gebeuren en toch ook enkele weesgegroetjes gedaan, dat onze auto intact zou blijven. Van auto rijden hebben ze hier duidelijk geen kaas gegeten. Vooral de grote bussen en vrachtwagens rijden de auto’s zelfs bijna van de baan. Op een bepaald punt was er een politiecontrole na een van de tolwegen. De agent nam er geen genoegen mee, dat we het raam maar half openden en commandeerde, dat het helemaal open moest. Binnen de kortste keren had hij onze lichten afgezet en begon hij erover, dat we onze lichten niet hadden opstaan. Heel duidelijk en zeker in discussie gegaan met hem en volhardend volgehouden, dat het niet waar was. Hij gaf al vrij snel op en deed dan maar teken, dat we mochten doorrijden.
Nog geen uur later werden we terug langs de kant gezet voor een volgende politiecontrole. Hier hielden we onze hand al duidelijk over de lichtknop, zodat ze er niet aan konden. Na enkele Spaanse vragen beantwoord te hebben, mochten we dan toch ook weer doorrijden. Onderweg stopten we in een gezellig restaurantje en aten we onze eerste Lomo Saltado, een echte specialiteit uit Peru, die eigenlijk best lekker was. Hierna vervolgden we onze weg en kwamen we uiteindelijk terug uit in woestijngebied, nl. Paracas. Onderweg even gestopt en ik werd hier meteen al nagefloten en vervolgens in het dorpje zelf best aangeklapt, in mijn zoektocht naar een hotel, terwijl Jimmy in de auto bleef wachten, omdat we die niet alleen wilden achterlaten. Toch vrij snel een hotel gevonden en ook meteen onze toer naar de Islas Ballestas voor morgen vastgelegd. Hierna wandelden we naar het strand en genoten we van het mooie uitzicht, de pelikanen, meeuwen en uiteraard ook een Cristal-pintje en Pisco. Tegen de avond gingen we nog even langs de supermarkt, de bank en na een avondwandeling kwamen we terecht in een zeer vaag, maar gezellig en lokaal zaakje. Hier aten we overheerlijke vis en zaten we letterlijk bijna in de woonkamer van de kok. Morgen wordt een drukke dag, dus nu nog even uitrusten.
Onze natuurlijke klok wekte ons al om 05:55, ideaal want vandaag wordt een drukke dag. We maakten ons klaar en zetten ook onze bagage al volledig op orde. Al snel werd het 07:00 en mochten we ontbijten in het café langs ons hotel. Na dit lekkere ontbijt werden we opgehaald door een medewerker van Paracasexplorer. We werden naar het ticket office geloodst op de kade en kochten daar ons kaartje voor de Islas Ballestas en Paracas Reserve Nacional. Al snel mochten we op de boot en kozen we een plekje aan de linkerkant in het midden. Achteraf bekeken, toch een uitstekende plaats. De boot vertrok uit het haventje richting de eilanden, zo’n 30km de zee in. Gelukkig had ik ook nu weer helemaal geen last van zeeziekte en is Ijsland blijkbaar een uitzondering geweest?
De eerste stop was nog langs het woestijngebergte, waar El Candelabra ligt. Dit is een prehistorisch geoglyph, dat op onverklaarbare wijze en reden ten tijde van de inca’s is ontstaan. Doordat het hier niet tot zelden regent, blijft deze ook zo goed bestaan. Vervolgens vaarden we verder tot aan de Islas Ballestas, bekend om de duizenden vogels. Bij aankomst zagen we al meteen een enorme hoeveelheid zeemeeuwen, aalscholvers, enkele zeehonden, maar ook PINGUÏNS! Dit is de eerste keer dat we Pinguïns in het wild zien, dus blij!! We bleven hier een heel tijdje ronddobberen langs de eilanden en daarna keerden we terug naar Paracas. Onderweg werden de mensen vanachter enorm nat, wij slechts lichtjes, door de opspattende golven. Bij aankomst in Paracas maakten we ons snel klaar, brachten een bezoekje aan de bank en haalden broodjes uit in het cafeetje, waar ik nog even met de plaatselijke hond kon knuffelen.
Vervolgens reden we zelf naar Paracas Reserve Nacional en hier waren we dolblij mee. Dit wordt meestal ook in de tours gecombineerd met de eilanden, maar eigenlijk kan je het perfect zelf verkennen en is het dan veel rustiger en aangenamer. Bovendien was het nog mooi zonnig en open toen we aankwamen. Toen we het park verlieten, was er een kleine zandstorm, dus toen zagen de mensen van de tours zelfs nauwelijks iets. We reden eerst naar Lagunillas, waar we naar het uitkijkpunt wandelden. Vervolgens bezochten we nog de stranden Raspon & La Mina, waar we ook onze sandwich opaten. Hierna vervolgden we onze weg naar Mirador Cathedral en stopten we ook nog even bij enkele nabijgelegen uitkijkpunten. We waren verbaasd door de schoonheid van de woestijn hier en dit in combinatie met de oceaan. Na het bezoek aan het nationaal park reden we richting Huacachina. Dit is een groene oase midden in de woestijn, maar helaas ook heel toeristisch.
Bij aankomst werden we al aan de kant geroepen voor onze auto te parkeren en iedere 5m werd je wel aangesproken door mensen, die buggy-tours de woestijn in organiseren. We wandelden rond het meertje, boekten onze kamer en gingen daarna iets drinken. De typische buggy-toers en het sandboarden laten we aan ons voorbij gaan, wegens te toeristisch en geen toegevoegde meerwaarde. In de plaats besloten we dan maar te voet een van de hoge zandduinen te beklimmen, zodat we een mooier uitzicht over de oase van bovenaf zouden hebben. Uiteraard vergde dit wel weer de nodige effort, vermits het mulle zand echt vermoeiend was om in te wandelen. Maar het was de moeite meer dan waard. We hadden een mooi zicht op de oase en ook over de nabijgelegen duinen in de woestijn. Om die reden bleven we wachten op de zonsondergang en keken terwijl hoe de andere mensen probeerden te sandboarden.
Na de zonsondergang waren we ook helemaal vol zand gewaaid en besloten we eerst te douchen en dan te gaan eten. Het douchen zelf verliep niet zo vlot, vermits de kraan niet meer vast zat in de muur en ik er aan draaide, niet wetende dat dit het geval was. Bijgevolg moest Jimmy te hulp snellen en de kraan terug in de muur proberen te duwen. Nu maar hopen, dat onze bedden straks niet ronddrijven, terwijl we slapen. We zochten een restaurantje uit, waar we iets lokaals konden eten en kozen uiteindelijk voor Lomo Saltado, maar dan de gewokte versie met noedels. Verder dronken we ook de eerste Inca wijn. Nu wordt het tijd om nog wat dingen in orde te brengen voor morgen en dan is het bedtijd.
Rond 04:00 vannacht was er ongelofelijk veel lawaai in ons hotel en op straat. Het leek net alsof de mensen door de kamer uitliepen i.p.v. op straat. Bijgevolg dus al vroeg wakker en tegen iets voor zes dan toch maar opgestaan. Even alles gepland voor vandaag en dan gemerkt dat we zonder water zaten, dus geen wc doorspoelen, douchen, etc. Dan tegen 07:00 toch maar gaan ontbijten, boven op het dakterras. Na het ontbijt was er terug water, maar dit keer een vieze bruine kleur. Op zich was de kamer dus wel ok, maar ook best brik en brak. Tegen 08:00 vertrokken we eerst naar de supermarkt en dan richting Nazca. We reden een hele tijd door mooie woestijnlandschappen en soms ook echt niemandsland. We zaten al goed op schema en kwamen dan rond 11:00 ook al aan in Palpa, waar je echt enorm mooie bergketens in de woestijn had liggen.
We reden tot aan de Lineas de Palpa en beklommen daar de toren om de eerste geogliefen in deze streek te zien. De jonge Peruviaan was zeer vriendelijk en liet ons ook de luchtfoto’s zien en uiteindelijk kochten we er een sleutelhangertje. Hierna reden we verder naar de uitkijktoren over de Nazca-lijnen. Deze is natuurlijk een stuk drukker en bekender. Hier heb je zicht op drie geogliefen. Deze zijn van oorsprong al eeuwenoud en tot op vandaag blijft het nog steeds een mysterie, waarvoor deze precies dienden. Na de klim op de toren reden we een stukje verder tot we een rustig plekje hadden gevonden om onze lunch te eten. Na de lunch reden we nog door naar de Los Paredones, een archeologische Inca site. Deze ruïne had best wel zijn charme en had ook een mooi zicht op de bergen en de woestijn. Na dit bezoek wilden we ook de Acquedotto di Cantayo bezoeken. Dit zijn oude aquaducten, die door de Nazcabeschaving werden gebouwd in een soort spiraalvorm.
De zouden maar een 3km van de Inca-ruïne af liggen, maar we deden er uiteindelijk veel langer over. Na 1 verkeerde afslag zaten we plots midden in het stadscentrum en de mensen hier rijden bij momenten bijna nog chaotischer dan de voorbije dagen. Veel straten waren afgezet door een marktje, door politie of waren eenrichtingsverkeer, dus het duurde eventjes voor we terug uit de chaos waren. Uiteindelijk kwamen we dan na een lange hobbelige niet geasfalteerde weg aan op onze bestemming. Hier kregen we een Spaanse gids mee, die al snel door had, dat we er eigenlijk geen behoefte aan hadden. We waren hier praktisch alleen en zagen bij aankomst al een of ander vrij groot reptiel. Helaas was het beest vrij snel weg. De bouwkunst van de spiralen is best wel indrukwekkend en ook nu nog is er water beneden aan iedere spiraal terug te vinden. Volgens de Spaanse gids drinkbaar, maar we hebben het toch maar niet geprobeerd.
Na de aquaducten bezochten we ook nog Los Agujas. Het was intussen ook best warm geworden en het werd ook later op de dag. Om die reden reden we terug het centrum in en gingen we op zoek naar een verblijfplaats. Dat ging al bij al heel snel en meteen regelden we ook al de vlucht met het vliegtuigje over de Nazcalijnen voor morgenvroeg. Hierna trokken we te voet het stadje in en gingen we eerst een verfrissend Cristalleke en een ijslimonade drinken. Vervolgens bezochten we de lokale markt, waar je zowel fruit, groenten als ook ieder mogelijk kledingstuk van “echte” merken of nepmerken kan kopen. Na hier wat rondgekuierd te hebben was het al 17:00 door en gingen we ons even opfrissen voor het avondeten. Als avondeten kozen we nog een keer vis, vermits dit nu toch nog de kustregio is. Intussen is het donker en hebben we hier in het stadje alles gezien, dus nu nog even relaxen en dan slapen. Hopelijk minder lawaai hier dan de voorbije nacht ☺.
Vanochtend rond half zeven schoten we wakker. We maakten ons meteen klaar en ik ging nog eens even dubbelchecken i.v.m. onze vlucht over de nazcalijnen. Tegen half acht mochten we ontbijten in combinatie met een low quality video over Nazca en een uurtje later werden we stipt door het Movilair-busje opgehaald. Eenmaal aan de luchthaven was het druk en kregen we ook meteen uitgelegd, dat het weer niet geweldig was en er daardoor vertragingen op de vlucht zaten. We zouden maximum 2 uurtjes moeten wachten, worst case scenario. Na een uurtje wachten ging ik me even bevragen en zei de piloot van de maatschappij: binnen een half uurtje zijn jullie aan de beurt. Om die reden betaalden we dan de 30 soles luchthaventax en ook onze tickets. Een drie-tal kwartier later hadden we nog steeds niks gehoord en toen ik ging vragen wat er van was, zou het nog eens 40 minuten zijn.
Er is ook een limiet aan hoe verdraagzaam wij als toeristen zijn ☺, dus nu begonnen we toch wel lichtjes geïrriteerd te geraken. De man in kwestie zei, dat het niet anders was en dat we maar moesten wachten. Als we nu al eens gewoon hadden geweten wat er was of als ze eerlijk waren over de wachttijd, dan hadden we het minder storend gevonden. 40 minuten later gingen Franse toeristen, die een uurtje na ons waren aangekomen ook nog eens ten rade. Dat was de moment om in te haken en wij voegden ons bij hen en zeiden dat we ook al zo lang aan het wachten waren. Toen begonnen ze opniuew dat het nog maar een half uur zou zijn. Uiteindelijk ons geld teruggevraagd en dan bij de andere maatschappijen gaan vragen, maar overal hetzelfde probleem. Dan toch maar teruggekeerd naar Movilair en toen zeiden ze dat het nog 15minuten zou zijn. We besloten het er op te wagen en zeiden, dat we pas achteraf zouden betalen. De aanhouder wint en inderdaad, nu mochten we eindelijk opstijgen.
We hadden een vliegtuigje van een twaalf man en al snel hingen we op een 200m boven de woestijn en boven de Nazcalijnen. In totaal duurde de vlucht zo’n 35minuten en had je echt een mooi en goed zicht over de Nazcalijnen en de bergen. Het was dan toch nog echt de moeite waard, ondanks het wachten. Bovendien was mijn reispilletje intussen uitgewerkt en merkte ik al snel, dat het vliegen zelf wel ging. Helaas ging het draaien rond de figuren van links naar rechts wat minder goed voor mijn maag, dus gelukkig waren er zakjes. Ik was zelfs niet de enige, er waren nog vier lotgenoten. Het voordeel is natuurlijk, dat zodra je hebt moeten overgeven, het ook van je af is en je verder van de vlucht kon genieten. Na de Nazcalijnen en de viaducten van bovenaf gezien te hebben, landden we vlotjes, betaalden we en werden we door het busje terug naar ons hotel gebracht.
Hier checkten we meteen uit, gingen we nog even te voet naar de winkel en vervolgens startten we de trip richting Lomos de Puerto. Onderweg aten we onze lunch en reden we nog de 7km grindweg naar het Chauchilla Cemetary. Dit is een kerkhof van voor de inca’s en hier kan je dus nog steeds de gemummificeerde skeletten met een deel haar etc. zien. De mensen werden destijds in foetus-houding opgeborgen met hun gezicht naar het oosten, omdat ze geloofden, dat dit de wedergeboorte ten goede zou komen. Hier bezochten we dus alle graven en genoten we van de mooie woestijn rondom. Vervolgens volgde er een slecht stuk weg met veel gaten en een heel stuk niemandsland. En dan dook plots de kust weer op en namen we de afslag naar Lomos de Puerto.
Al snel vonden we een hotel (het 1ste en ook bijna enige hotel) in het dorpje. We besloten even door het dorpje te wandelen om te kijken voor avondeten. We zijn hier de enige westerlingen en hebben dan ook een hoop bekijks. Het ziet er ook een zeer arm dorpje uit. Desondanks waren de mensen allemaal vriendelijk, zeiden ze goededag en hielpen ze ons zelfs twee pintjes kopen, wat een zwaar bevalling was. Dan besloten we een stukje over het strand te wandelen, vogels te kijken en schelpen te zoeken. Een plaatselijke visser zei ons, dat we niet meer te lang mochten blijven, want dat de vloed bijna kwam. Nu dus terug in ons hotelletje even aan het uitrusten en dan op zoek gegaan naar een plaats om te eten. Blijkbaar is hier zeer weinig en wat er is, is ook nog eens dicht. Dan maar in ons hotel gaan vragen, waar het ook muisstil was. Ze doen om 19:00 de keuken open voor ons, want blijkbaar zijn we de enige gasten. De specialiteit was vis zeiden ze, toen we vis bestelden, bleek dat ze geen vis hadden... Dan maar biefstuk op gewone wijze met frieten, banaan, rijst en spiegelei en in mijn geval gemarineerd in broodkruim. Stiekem een stukje vlees mee naar buiten gesmokkeld voor de hond van de zaak hier, die ons al de hele tijd volgt, sinds we hier zijn. Nu nog even alles voor morgen plannen, whiskey drinken en dan is het alweer bedtijd. De vakantie vliegt toch altijd om...
Om half zeven waren we alweer uit de veren en maakten we ons klaar voor een lange reisdag. Het duurde weer even voor we iemand vonden voor het ontbijt, dus terwijl entertainde ik de hond en zorgde Jimmy voor lawaai van de auto, in de hoop, dat er iemand kwam. Na het ontbijt met smoutenbollenbrood en ei wilden we uitchecken en ook toen kwam er weer niemand opdagen. Dan de sleutel maar op de balie gelegd, afscheid genomen van de mooie hond en vertrokken richting Camaná. Vandaag zou een lange reisdag worden, maar eigenlijk is het al bij al vrij snel omgevlogen. Het eerste stuk reden we nog langs de kust en over de bergpas Lomas Atiquipa. Hier was het uitzicht best al mooi, maar wel nog mistig. Voor Challa stopten we voor de Ruinas Inca te bezoeken. Dit is een oude inca ruïne vlak aan de kust. We reden eerst een hobbelige 3km zandweg en kwamen dan uit bij een heel mooi strandje omring met rotsen.
We startten de korte wandeling naar de ruïne en liepen door tot aan de kliffen. Hier hadden we een mooi uitzicht over de zee, de kuststrook en zagen we ook een aantal roofvogels en gieren. Hierna besloten we terug te wandelen en stapten we in onze intussen zeer vuile auto. We vervolgden onze weg en stopten in Challa nog even bij een supermarktje voor onze lunch. Hierna reden we nog tot rond de middag langs de kust en aten we dan ook onze lunch met uitzicht op de zee en de vogels. Daarna was het terug een stukje langs de kustweg en kwamen we uit aan een grenspost. Hier moesten we opnieuw tol betalen en werden we vlak daarna door de politie tegengehouden. De man in kwestie sprak heel vreemd Spaans en ik kon er echt niets uit opmaken. Jimmy met zijn Italiaanse openingswoord Bongiorno maakte op zijn minst evenveel indruk :-D. Onze papieren afgegeven en toen begon hij over veel accicdenten. Dat begrepen we dan weer wel. Uiteindelijk deed hij met zijn gsm alle moeite om ons mee te delen, dat we vooral voorzichtig moesten rijden, want dat hier veel accidenten gebeurden. We werden dus vriendelijk terug op pad gestuurd.
Onderweg wisten we al snel waarom er zoveel accidenten gebeurden. De rotsen vallen hier gewoon naar beneden op de weg en de camion- en buschauffeurs rijden als gekken en steken gewoon tientallen voertuigen langs links voorbij, zonder dat je iets kan zien met de vele bochten en blinde heuvels. De autorit was dan dus ook allesbehalve saai en we hebben ons meerdere keren verwonderd over de zelfmoordpiloten. Uiteindelijk kwamen we tegen 16:20 aan in Camaná. Het laatste stukje reden we door landbouwgebied wat al wel best mooi was en dan recht het stadscentrum in. Het hotel, dat we voor ogen hadden, vonden we niet, dus dan maar op het gevoel ergens binnengegaan, terwijl Jimmy in de auto wachtte. Kamer gaan inspecteren en dan een deal gesloten voor 50 soles. (13euro). Hierna gingen we op pad in het stadje en hadden we veel bekijks als enige toeristen/blanken. Blijkbaar is dit ook allesbehalve toeristisch. We bezochten het lokale marktje, kochten onze lunch en ons ontbijt voor morgen en gingen vervolgens nog in een heel vage zaak iets eten. De mensen op zich waren heel behulpzaam en vriendelijk, dus ideaal. Nu even ontspannen na de lange rit en dan morgen de hoogte in.
Ėén ding was ongekend toen ik voor dit hotel koos en de kamer ging inspecteren. Blijkbaar was de living van de eigenaar vlak voor onze deur in de gang en zat hij daar tot 01:00 ’s nachts muziekprogramma’s te kijken, die loeihard stonden. Bovendien kwamen er om de vijf voet wel mensen aan, die dan op de bel duwden, die vlak langs onze niet geïsoleerde kamer hingen. Dit hele tafereel heeft dus plaatsgevonden tot een uur of vier ’s ochtends en toen was het eindelijk stil. Om half zeven waren wij naar goeie gewoonte wakker, na een vrij bewogen nachtrust en maakten we ons klaar om te vertrekken. Uiteraard was er nu niemand meer wakker, dus moesten we de eigenaar uit zijn bed halen, dan had er nog iemand zijn auto achter ons in de garage geparkeerd, dus die moest ook uit zijn bed en uiteindelijk dus bijna half de familie wakker, voor we konden vertrekken. Desondanks toch allemaal heel vriendelijk ☺.
We reden meteen het stadja Camaná uit en aten toen in de duinen onze picknick op. Hierna begon de route meteen de hoogte in te gaan en reden we prachtige berglandschappen in. Onderweg stopten we meerdere keren om te genieten van het uitzicht, te tanken in een vaag tankstationnetje en om af en toe even te bekomen van de onbezonnen rijtoestanden van de camion- en buschauffeurs op deze wegen. Na een drietal uurtjes bevonden we ons dan meteen in de drukke buitenbuurt van Arequipa en reden we naar ons hotel Las Mercedes. Een prachtig oud blauw landhuis met een gezellig tuintje, te midden van de grote stad. We werden hier heel vriendelijk onthaald en de dame sprak vloeiend Engels. We kregen meteen een stadsplannetje in de handen geduwd en gingen dan ook meteen op pad. We wandelden rechtstreeks naar de Plaza Las Armas en verwonderden ons over de prachtige kathedraal met daar de bergen en vulkanen op de achtergrond. Eerst zochten we een afgelegen pleintje in een oud gebouw op, waar we een salade en pizza bestelden. Eventjes tot rust komen.
Vervolgens begonnen we dan meteen met alle bezienswaardigheden. Eerst wandelden we over het plein en bestudeerden we de kathedraal al langs buiten. Daarna gingen we naar het Monasterio San Catalina. Dit is één van de grootste kloosters ter wereld en onderscheidt zich door zijn felle terracotta- en blauwtinten. Hier moet je dus toch wel zeker een anderhalf uur voor uittrekken. Na het klooster gingen we een drankje nuttigen in een van de vele gezellige straatjes, want hier is het al een stuk warmer dan aan de kust. Volgende bezienswaardigheden waren nog de Iglesia San Augustin, Iglesia de la Compania, Casa Tristan del Pozo en Casa del Moral. Allemaal bekend door hun vele prachtige fresco’s. En tot slot brachten we nog een bezoekje aan de San Camillo Market, een lokale markt waar de mensen voedsel en ook wat spulletjes verkopen. We hadden nog een klein beetje tijd over voor zonsondergang, dus wandelden we nog even door de winkelstraatjes en bezochten we de binnenkant van de kathedraal. Vervolgens zochten we naar een mogelijkheid om op het dak van de aanliggende gebouwen te komen en daar genoten we van de prachtige zonsondergang over de kathedraal met op de achtergrond de vulkaan en de bergen. In ruil moesten we beneden een drankje nuttigen, dus dat deden we dan maar. Daarna aan de overkant in een grill-zaakje lekker gaan eten en toen vermoeid naar onze kamer teruggekeerd. Slaapgebrek, te weinig gedronken en het verschil in hoogte, was toch even wennen ☺, dus maar op tijd ons bed in!
Tot nog toe zijn we niet echt ziek door de hoogte, maar we merken wel enkele mankementjes zoals lichte bloedneus, droge ogen en wat licht in het hoofd. Dat was vooral gisterenavond een beetje en vannacht. Vanochtend bij het ontbijt ging het al terug goed, maar toch voor de zekerheid een pilletje tegen hoogteziekte genomen. De naam Arequipa betekent “ja, blijf maar hier” en dat is bij ons gisteren ook zo aangekomen. We vonden het echt een leuke stad en wilden vandaag nog een deel ervan verkennen. We gingen na het ontbijt dan ook meteen naar de buurt San Lazaro. Daar wandelden we eventjes rond en bekeken de straatjes, die opgebouwd zijn met huizen uit sillar (vulkaansteen). Dit is een van de oudste wijken van de stad, met een paar koffiezaakjes etc. Vervolgens even langs de winkelstraat teruggewandeld en dan rechtstreeks door naar het museum Santuarios Andino, waar de ijsmummie Juanita ligt.
Al bij al zijn we niet echt museummensen, maar dit vonden we toch de moeite waard. Eerst was er een korte film over de ontdekking van de mummies in de regio van Arequipa. Vervolgens kregen we allerlei attributen te zien en legde de gids de geschiedenis en betekenis uit. Tot slot kregen we de ijsmummie Juanita te zien, die nog steeds in zeer goede staat is. Het lichaam van het meisje is goed bewaard gebleven door de ijskoude temperatur bovenop de vulkaan. Om die reden ligt ze nu ook opgeborgen onder de 20°C. Raar om te zien, maar ook ontzettend fascinerend vond ikzelf. Na het bezoek van een uurtje, gingen we lunchen in een klein lokaal sandwichbarretje. De cola, die we bij ons eten kregen, had een enorme rare smaak. Later herinnerde ik mij aan het feit, dat koolzuurhoudende dranken anders kunnen smaken doordat je op hoogte zit. Je smaakpapillen gaan zich blijkbaar anders opstellen, waardoor bepaalde smaken meer of minder naar voren komen.
Na de lunch hadden we even een uurtje de tijd om ons op de kamer te ontspannen en vervolgens werden we opgepikt door een busje voor een tour rond Arequipa. En wat zijn we blij, dat we deze tour gedaan hebben. We waren maar met een twaalftal toeristen, waarvan wij de enige westerlingen, de rest allemaal Braziliaans. Dit laatste soort volk is alles behalve irritant om mee op pad te zijn, dus dat viel uiterst goed mee. We hadden een grote dubbeldekker bus, die ons naar een aantal plaatsen bracht. We vertrokken vanuit het centrum naar de eerste stop: Yanahuara Viewpoint. Dit is een kerkje met mooise fresco’s en een muur met een aantal bogen, waardoor je een prachtig zicht op de stad en de vulkanen hebt. Het tweede stoppunt was de Chilina Valley met uitzicht op de vulkanen. Hier stopten we op een prachtig punt, waar je een perfect zicht had op de terrassen van de boeren, omringd door de verschillende vulkanen. Verder kregen we typisch ijs en een paar soorten fruit om te proeven. Hierna bezochten we ook nog even een museum met enkele oude attributen en een mummie.
Na dit viewpoint ging de trip verder naar de Alpacaboerderij. Hier was een grote winkel met allemaal spullen van alpacawol en leerden we meer over de verschillende soorten alpaca’s, die er zijn. Interessante kennis om binnenkort te gaan gebruiken, als we ze in het wild te zien krijgen ☺. Hierna reden we nog voorbij de Sachaca Church en het Goyoneche Palce met als volgende stop het Mansion del Fundador. Dit is een oud huis en kerkje, dat door de oprichter van de stad oorspronkelijk bewoond was. En tot slot eindigde de toer met de Molinos Coloniales Sabandia. Dit is een soort van molen, aangedreven op waterkracht, waar de mensen hun graansoorten vroeger kwamen malen. De molen is nog steeds actief, maar er zijn nu natuurlijk ook grotere bedrijven, die dit aanbieden. Hier zagen we ook de zonsondergang en kregen we anderzijds een mooie volle maan. Meestal heb je de zon en de maan hier nog een tijdje gelijktijdig aan de hemel staan. Tegen 18:00 keerde de bus terug naar het stadje, waar we tegen 18:45 ongeveer waren. Dan nog gauw inkopen in de winkel gaan doen voor morgen en vervolgens in een heel gezellig restaurantje Pork & Beans gaan eten. Bij aankomst in het hotel, onze vers gewassen was opgepikt en nu nog even alles plannen voor morgen en opruimen. We zeggen vaarwel aan Arequipa en gaan nog meer de hoogte in, naar de Colca Canyon.
Na een betere nachtrust en enkel nog een bloedneus als symptoom van de hoogte, gingen we eerst ontbijten en dronken we onze eerste Cocathee. Vervolgens checkten we uit en loodste ik Jimmy door Arequipa stad en de buitenwijken richting Chivay. Zodra we uit het centrum en de buitenwijken waren, veranderde het landschap al snel en werden de uitzichten echt adembenemend mooi. Vermits we momenteel even medicatie nemen tegen de hoogtesymptomen, zorgt deze ervoor, dat al het vocht wordt afgedreven. Bijgevolg dus heel veel drinken, maar dus ook heel veel plaspauzes. De ene keer al wat inventiever in mijn geval dan de andere. De route naar Chivay zou in totaal maar een drietal uurtjes duren, maar wij deden er enorm veel langer over. Dit omdat het uitzicht zo prachtig was, dat we wel om de vijf seconden moesten stoppen en even moesten uitstappen om er van te genieten.
We snappen niet, dat mensen dit als groepsreis doen, want wij stoppen wanneer we willen en de uitkijkpunten zijn vaak zoveel mooier dan de typisch toeristische stopplaatsen. Toch hebben we tot nu toe nog niet echt het gevoel, dat Peru heel toeristisch is, want we zien nauwelijks toeristen. Het landschap was omgeven door grote vlaktes met besneeuwde bergtoppen en enorm veel heuvels. We begaven ons intussen ook naar een steeds grotere hoogte, nl. 3500m. Onderweg zagen we dan plots ook nog onze eerste wilde Vicuna’s, die de duurste wol hebben en een soort kraag aan de borststreek. Na een tijdje rijden zagen we dan ook onze eerste alpaca’s. De uitzichten bleven echt voortdurend veranderen en het was echt de moeite. We besloten dan ook buiten op een bergje te picknicken met uitzicht over het mooie landschap. Verder deden we ook nog een stop met allerlei meertjes, waar ook vicuna’s en allerlei watervogels zaten. Onderweg kochten we ook de eerste alpacamuts en alpacablouse bij een lokaal vrouwtje, wiens tanden gitzwart zagen van de cocabladeren.
We hebben gelukkig geen last van de hoogte en slechts een licht gevoel van druk in het hoofd, wat wel normaal is bij deze hoogtes. Uiteindelijk kwamen we aan in Chivay, waar we de auto op het plein parkeerden, een lokaal marktje bezochten en nog even rondkuierden. Hier liepen ook de typische Peruaanse vrouwen rond in traditionele klederdracht. We kochten onze lunch voor morgen alvast, nog wat extra water en fruit en genoten even op een bankje op het pleintje. Er was ook nog een kleine stoet op het plein gaande en we knuffelden even met een schattige puppy. Hierna stapten we terug in de auto en reden we verder richting onze eindbestemming: Cabanaconde.
Onderweg stopten we nog meerdere keren om te genieten van de mooie terrassen en de uitzichten van de bergen. Een van de bekendste stopplaatsen en ook onze laatste, was de Mirador del Condor. Dit is een bekende spotplek om condors te zien, maar meestal ’s ochtends. We hadden geluk, want we waren hier praktisch alleen en spotten toch nog 5 condors. Echt machtig om te zien, zeker in combinatie met het prachtige landschap. De bergen zijn wel duizelingwekkend hoog, dus spannend om te beseffen, dat we morgen helemaal naar de bodem van de canyon zullen wandelen in een 7-tal uur... En de dag erna natuurlijk ook terug omhoog.
Uiteindelijk kwamen we bij het schemeren aan bij ons hotelletje, waar een zeer lief vrouwtje ons in het Spaans hielp. We kuierden even door het kleine dorpje, genoten van het uitzicht en kochten voor het avondeten alvast een dessertje: een soort van beignets (zonder vulling). Zeer lekker en vers gemaakt. Terwijl babbelden we nog even met een Belgische toeriste, die waarschijnlijk haar groep even wou ontvluchten. Daarna wandelden we naar een lokaal restaurantje en dronken we thee en aten typisch eten van hier. Bij terugkomst in het hotel heb ik in mijn beste Spaans nog gevraagd of we de auto hier morgen op de parking mochten achterlaten en als bij wonder, begreep ze het van de eerste keer. Nu nog even onze rugzakken op orde brengen en dan slaaptijd, want morgen wordt een zware dag.
PS: kans is groot, dat we morgen geen elektriciteit en wifi hebben, dus geen reden tot paniek als er geen blog komt.
’s Ochtends vroeg om tien na zes zaten we al aan het ontbijt. Dit betekende, dat we tegen half zeven fris en gepakt aan onze eerste kilometers konden beginnen. En ja, we hebben dit heus nog al ooit gezegd, maar we weten niet waar we het idee haalden, dat we tot het volgende in staat zouden zijn. Alleszins kunnen we er nog altijd mee lachen, ook al hebben we veel momenten heel diep gezeten ☺. Eerst moesten we van Cabanaconde naar het vertrekpunt van de wandeling wandelen. Typisch voor Peru, geen bewegwijzering, dus even moeten zoeken met de gps. Dan kwamen we aan bij het vertrekpunt en moesten we onze tickets laten zien. Oeps, deze ultra grote tickets zijn we in de auto vergeten, vermits deze ook niet echt op zakformaat zijn. In mijn beste Spaans de uitleg gedaan en ik denk dat de jongen in kwestie al compassie met mij had. We waren nog maar 2km ver, maar ik voelde de hoogte toch al wat parten spelen.
Dan toch maar doorgebeten en het eerste stuk was zalig mooi aan een binnenrand van de klif en ging ook gewoon vlak. Maar we wisten, dat we nog 1000m naar de bodem zouden moeten dalen. Dus na een vlak stuk, begonnen de s-bochten elkaar op te volgen en moesten we over een soort van grind pad met allerlei schuivende stenen. Als extra support voor zijn knie, gaf ik Jimmy een van mijn wandelstokken. Zelf was ik al meerdere keren uitgeschoven, maar nooit echt gevallen. En toen gebeurde het plots. Achter mij zag ik iets over de rand vallen, dus ik verschoot mij een ongeluk. Jimmy zijn stok was onder hem uitgeschoven, hij was gevallen en zijn drinkbus was overboord, de dieperik in gegaan. Op slag had ik de bibber in mijn benen van mij te verschieten, omdat ik bang had, dat hij gevallen was.
Eind goed al goed, enkel een schaafwonde op de onderrug en misschien een beetje stijf. Maar ondanks dat het nog vroeg was, begon de zon intussen ook echt te branden en er was geen greintje schaduw te bespeuren. Toen we dan eindelijk de 1000m in 3u tijd afgedaald waren, werd het bij mij even zwart voor de ogen. De Peruviaan aan het checkpoint was zeer bezorgd en probeerde wat tips te geven. Al bij al was ik snel herkomen na wat water en een energiereep en konden we er terug tegenaan. Ook nog even uitgelegd, dat we geen ticket hadden en ook hier waren we safe. We moesten ons wel registreren, voor het geval we zouden verdwalen of iets voor hadden. Dat deden we dan maar, niet wetende, dat we hier ooit nog blij om zouden zijn ☺. We kochten nog wat drank van zijn vrouw en gingen terug op pad. In plaats van bergaf, ging het nu plots serieus bergop. Onderweg aten we onze lunch en stopten we in een dorpje nog voor extra water. We dachten het ergste overleefd te hebben en hielden er wat tempo in, maar zodra de hoogtemeters begonnen te stijgen, begonnen we het toch te voelen.
Na een vijftal uurtjes wandelen begonnen we echt uitgeput te raken door de warmte en de ijle lucht. Toen we op een bepaald punt even pauzeerden, kwam er een gids met groep afgewandeld. Vermits we op een splitsing zaten en er nergens geen wegwijzers meer stonden, vroeg ik aan hem even de weg. Hij zei dat we naar boven moesten, hoewel mijn buikgevoel oorspronkelijk dacht, dat we verder naar links moesten. Dan toch maar op de goede raad van de gids vertrouwd, wat achteraf een grandiose fout bleek. Gedurende een uur waren we verdwaald en zaten we volgens de gps ook niet meer op het pad. Om die reden dan maar rechtsomkeert gemaakt en terug naar de splitsing gegaan. Mijn buikgevoel gevolgd en na 300m stond er een verdoken pijl. Wat een opluchting! Vlak hiervoor had ik wel even mijn dieptepunt bereikt. Totaal uitgeput had ik hem de weg gevraagd, zodat we zeker niet meer extra moesten wandelen en nu waren we meer dan een uur kwijtgespeeld en wisten we, dat we nog minsten twee uur te gaan hadden. Alle moed dan maar weer bijeen geraapt en ons opgetrokken aan de vlakke stukken van het pad. Na een heel stukje vlak, ging het pad dan plots weer in totaal een 200m de hoogte in en moesten we weer een enorme inspanning verlenen.
Toen we eindelijk aan de top waren (een van de zovelen, maar in dit geval de laatste), waren we opgelucht, maar moesten we ook nog helemaal tot naar beneden aan de rivier afdalen. Traag maar gestaag, want Jimmy zijn knie was echt al wat pijnlijk van dat eerste stuk op de dag, gingen we naar beneden en kwamen we in de prachtige groene oase, waar ook een watervalletje was. Super mooi, maar we waren ook echt kapot. Ons hotel bleek dan ook nog eens helemaal achteraan in de oasis te liggen, maar de laatste loodjes dan toch er ook nog bijgenomen. Vlak voor het wat begon te duisteren, kwamen we dus aan in Sangalle. Wat normaal maar 7 uur had mogen duren, heeft bij ons bijna 10 uur geduurd, door de detour en het feit, dat we daardoor extra afgemat waren en veel te veel hoogtemeters voor niets hadden gemaakt. Uitgeteld lieten we ons dus op ons bed vallen en hebben we gedurende drie kwartier niet meer bewogen. Vervolgens ons wat opgefrist en dan gaan avondeten. Het eten was lekker en we hadden best tof gezelschap van een Amerikaan, Nick en een Fransman. Na het eten en de verfrissende drankjes waren we toch wat herkomen en konden we al lachen met wat er gebeurd was. Tegen 21:00 maar stilletjes ons bed in gekropen, want om 05:30 gaat de wekker al. Desondanks het vele afzien blijft de natuur wel wondermooi en kan je er toch echt van genieten...
Tegen een uur of 4 waren we al wakker, maar we probeerden toch nog wat verder te rusten. Om half zes stonden we dan op en maakten we ons klaar. Vervolgens pannenkoeken als ontbijt, maar ik durfde er niet te veel van te eten, wetende dat we nog die hele berg van 1000m op slechts een drietal km (ja wij snappen ook niet wat ons bezielde...). Na gisteren had ik er geen goed zicht op, dat ik ooit boven zou geraken en bovendien had ik beneden in het dal al last van kortademigheid door de hoogte. Daarom vroeg ik naar een plan B, wat als ik niet boven geraak? Normaal gezien zijn er ezeltjes voorzien en in geen duizend jaar zou ik daarvoor kiezen, maar ik moet zeggen dat morele waarden toch op een bepaald punt afnemen als je echt denkt nooit meer uit die oasis te geraken ☺... Uiteindelijk bleek er geen plan B te zijn, want de ezels zijn enkel ’s ochtends om half vijf of ’s avonds om half zes. Dan maar alle moed bijeen geraapt en naar Jimmy geluisterd, die er zeker van was, dat we boven zouden geraken.
We vertrokken dus om half zeven, een half uur vroeger dan verwacht, maar deze voorsprong waren we snel kwijt. Beneden stond nergens een bordje richting Cabanaconde, dus bijgevolg nog 3x aan mensen moeten gaan vragen. Al een hoop op en af gewandel voor niks dus. Uiteindelijk begonnen we aan de klim en ik zat echt in ademnood en moest om de 15m gaan zitten. De situatie zag er uitzichtloos uit, maar op een bepaald punt wist ik het toch onder controle te krijgen en probeerden we de hoogtemeters te overbruggen. Dit pad gaat dus de hele weg echt alleen maar bergop en heeft enorm veel s-bochten. Je ziet beneden de top wel, maar deze blijft eindeloos ver lijken. Na de eerste moeizame meters ging het wat beters en met de nodige rustpauzes overbrugden we toch de kaap van 500m. Pure euforie, want dit had ik vanochtend nog niet kunnen dromen, dat ik halfweg zou geraken. En ondanks het harde zwoegen, hebben we toch ook veel met onszelf moeten lachen, over hoe we nu hier weer in verzeild waren. Alleszins voelden we ons toch 1 met de natuur en konden we ook echt van de uitzichten genieten en we zagen nog eens een condor!
Toen we nog een 400m hoogte moesten overbruggen, begon het echt zwaar te worden. Er waren slechts nog weinig schaduwplekjes en de zon was echt moordend. Ondanks onze voorzorgsmaatregelen, voel je ze echt branden en neemt dit nog een stukje van de zuurstof uit de lucht. Terug even heel diep moeten gaan op de reserves, maar uiteindelijk toch tot de 800m hoogte geraakt. De laatste 200m gingen nog moeizaam, maar nu zagen we de top. Plots kwam er een man met ezeltjes voorbij en toen hij mij zag, vroeg hij of alles wel ok was... Alles in mij wou gewoon die ezel grijpen en vertrekken, maar we waren nu zo ver gekomen, dus nu vond ik ook dat ik moest doorbijten. Dus vooruit met de geit en zo overbrugden we ook nog de laatste 200m tot aan de top! Wat een opluchting en zalig gevoel. Maar de wandeling zat er nog niet op en we moesten nog een anderhalve kilometer naar het dorpje wandelen. Zeg maar strompelen, want we waren beiden zo stijf iedere keer als we een beetje bergaf hadden...
Bij aankomst onze auto opgehaald en de route terug richting Chivay gedaan. We stopten nog eens bij Cruz del Condor en zagen daar een gekke gele vogel met zwarte stippen. Vervolgens zetten we onze tocht verder en namen we ook een lokaal Peruviaans vrouwtje mee, waarmee ik een gesprek probeerde te voeren, wat best lukte.
Eenmaal in Chivay aangekomen een hotel gezocht, de trap opgestrompeld en onder de douche gekropen. We zijn allebei zo stijf als een plank. Tegen 18:00 dan toch maar naar een restaurantje gestrompeld, waar we lekker aten (eerste keer alpacasteak, een aanrader). Dan terug naar het hotel gestrompeld en nu liggen we allebei knock-out op bed. Weer een hele ervaring en avontuur rijker, maar fysiek toch ook echt wel afgezien ☺.
Vanochtend werden we allebei met heel zware benen wakker. Ons toch in onze kleren gekregen en dan het dorpje ingewandeld om te gaan ontbijten en lunch te kopen. Bij terugkomst onze spullen genomen, de auto opgehaald en dan de route richting Puno ingezet. Het eerste stuk is dezelfde weg, die we twee dagen geleden hebben moeten rijden voor de Colca Canyon, maar dit is zeker geen straf, want je hebt hier de mooiste vergezichten en prachtige landschappen. We konden het dus toch niet laten om nog een heel aantal keer te stoppen en we ontdekten nog enkele nieuwe vogels. Op een bepaald punt kwamen we een pijl tegen richting de Peinturas Cuevas de Sambay. Dit zouden zeer oude rotsschilderingen zijn. De wegwijzer zei 3km en we begonnen aan de gravelweg. Na 3km stond er opnieuw een wegwijzer en de weg werd een tikkeltje slechter. Tot slot kwamen we uit in een doods verlaten dorpje, dat precies een nablijfsel van een of andere kernramp leek. Er hing een groot metaalwerk met klepel als geïmproviseerde bel, dus ik belde maar enkele keren, maar niets te zien.
Uiteindelijk wilden we net terug wegrijden, toen we in de verte een oude man zagen ronddolen. Dit in combinatie met het spookstadje en de omgeving, kon je echt denken, dat hij mogelijk de enige overlevende ofzo was. In een taal, die volgens mij echt geen Spaans was (ik denk Quechua?), legde hij me uit, dat we 10soles moesten betalen en gaf hij mij de sleutel tot de grot... Plots haalde hij uit zijn zak toch een officieel boekje met toegangsticketjes en deed hij teken, dat we naar de “slagboom” moesten rijden. Vanaf daar moesten we alleen nog 1km doorrijden en dan waren we aan de grot. We hadden geen idee naar wat we op zoek waren en waarvoor de sleutel diende. Uiteindelijk kwamen we dan toch op een soort van parking en begonnen we een stuk naar beneden te wandelen. Helemaal verdoken stonden er hekken en als bij wonder moesten we deze met de sleutel openen. De grot was niet immens groot, maar het was wel heel speciaal om te bedenken, dat deze tekeningen echt al eeuwen oud zijn. Toen we terug naar de auto wilden wandelen dook er plots een man op uit het niets. Hij vroeg of we een ticketje hadden (ja, maar in de auto natuurlijk) en waar we naar toe moesten. Hij bleef maar iets zeggen van een zekere Diego. Puntje bij paaltje wou hij dus meerijden en moest hij ook in het spookstadje zijn. Prima. We reden de hobbelige weg terug omhoog en zetten onze weg verder richting Puno.
Onderweg kwamen we nog enkele prachtige meren en bergketens tegen. Bovendien zagen we naast de vele alpaca’s en vicuna’s ook nog een condor en de eerste flamingo’s op Peruviaanse! We zaten nu intussen ook al over de 4000m hoogte en je voelt toch echt wel, dat je hier niet veel inspanningen kan doen, want bij het minste heb je wat ademnood. Bovendien lieten onze benen het ook niet toe om veel te wandelen en moesten we ook een heel eind rijden. Het laatste stuk reden we echt door landbouwgebied en meer het Peruviaanse platteland, wat ook wel tof was om te zien. Bij aankomst in Puno bleek, dat de bewaakte parking van ons hotel twee blokken verder lag en dat ze daar de sleutel wilden houden. Dat zag ik dan weer niet zitten en dus besloten we een andere parking te gaan zoeken. Alles vlotjes verlopen, dus dan toch nog naar de Plaza de Armes gewandeld, de kathedraal bezocht, het Piscopleintje, wat winkeltjes en dan lekker gaan eten. Nu nog even wat de planning voor de volgende dagen op orde zetten en dan slapen, want morgen hebben we een boottochtje naar de Uros-Eilanden gepland.
Ook vandaag waren we al op ons vaste uur wakker. Dan maar wat opgeruimd, gaan ontbijten en dan de rugzakken al naar de auto op de parking gebracht. Vervolgens nog een ochtendwandelingetje gemaakt in de hoop om onze spieren terug wat los te krijgen. Om 08:45 werden we stipt voor ons verblijf opgepikt door een busje en werden we naar de kade van het Titicaca Lake gebracht. Dit is het grootste meer van Zuid-Amerika en is het hoogste commercieel bevaarbare meer ter wereld. Wij zouden enkel de uitstap naar de Uros eilanden doen. Dit zijn een soort van rieten drijvende eilanden, die vroeger door lokale bevolking bewoond werden. Vandaag zijn deze nog steeds bewoond, maar enkel omdat er toerisme uit te halen valt... Ondanks het toeristische aspect ervan, wilden we het dan toch niet overslaan en eens zien hoe het nu precies in zijn werk ging.
We werden dus eerst met een bootje naar de Floating Islands gebracht en zagen onderweg al een aantal mooie vogels. Dan werd er een familie uitgekozen, die we gingen bezoeken (in ons geval de poema’s). Het “stamhoofd” van het eiland legde ons uit hoe ze de eilanden, huisjes en boten maakten, wat op zich wel interessant was om te weten en te zien. Verder legde hij ook het verschil uit tussen de oude werkwijze en de manier waarop ze het nu konden doen, wat dus iets makkelijker was. Daarna mochten we in de huisjes gaan kijken, die best knus en gezellig waren. En uiteraard ontsnap je er niet aan om enkele dingen te kopen, dus kochten we enkele rieten hebbedingetjes voor in huis, die op zich wel heel mooi gemaakt zijn. Daarna mochten we nog mee in de “Mercedes Benz (lees rieten boot)” voor een ritje naar de “hoofdstad (lees rieten huisjes)”. Vervolgens werden we na een trip van een drietal uurtjes terug naar de kade in Puno gebracht.
Van daaruit wandelden we zelf het centrum in, gingen een pizza eten (na twee weken eens even iets Westers tussendoor, was wel welkom ☺). En vervolgens gingen we onze auto halen op de parking. Daar moest ik eerst nog iemand anders zijn auto en aanhangwagen verplaatsen, vermits het meisje van de parking te jong was en dus niet kon rijden. Vervolgens vertrokken we richting Sillustani. Dit is qua locatie heel mooi gelegen in een boerengebied aan een groot meer. Volgens mijn research zouden we een 20-tal minuten over het bezoek doen. Bij aankomst hadden we al door, dat dat niet het geval was. Eerst moest je van de parking een heel lang stuk in de moordende zon wandelen. Vervolgens moesten we een heel stuk bergop om dan de effectieve tombes en overblijfselen te kunnen zien. Van hieruit had je ook een prachtig uitzicht op het omringende meer. En tot slot moesten we dan ook nog terug naar beneden. Op zich allemaal niets in vergelijking met onze vorige wandelingen, maar we zijn best nog stijf, het was het warmste moment van de dag en we zitten hier op 4000m hoogte, dus je moet soms echt zoeken naar zuurstof. Toch ging het al bij al heel vlotjes en was het echt wel de moeite waard.
Hierna reden we verder naar onze eindbestemming van vandaag: Lampa. Dit is echt een zeer onbekend dorpje, maar ik was dit tijdens de research tegengekomen als een mogelijke tussenstop voor onze reisdag naar Cuzco. Dan zag ik ook nog eens, dat er een hele mooie tempel/kathedraal met catacomben lag, dus dit werd de place to be. Bij aankomst beging Jimmy al een grove overtreding en dat vlak voor ons hotel, waar ook twee agenten stonden. Gelukkig niks aan de hand en hebben ze ons zelfs niet aangesproken. We checkten in en gingen meteen naar het plein, waar de tempel ligt. Dit vinden we ondanks zijn onbekendheid echt al één van de mooiere tempels/kerken, die we gezien hebben. We besloten er een rondje omheen te wandelen en net toen we rond waren, werden we aangesproken door drie jongens, die vroegen of we Engels konden. Zij kwamen van Canada en waren vier maanden voor vrijwilligerswerk in dit dorpje gestrand. Wij waren de eerste en enige toeristen, die ze tot nu toe hadden gezien en ze waren dus dolgelukkig om even een babbeltje te kunnen slaan.
Ideaal, want zo wisten wij ook waar we best konden gaan avondeten. We aten in een lokaal zaakje, waar ze kippen boven een houten vuur gereed maakten. Eerst kregen we soep en ik dacht dat er gehaktballetjes inzaten. Net toen ik de mijne bijna op had en de laatste aan het kapot knabbelen was en tegen Jimmy zei, dat de textuur van die balletjes wel heel raar was, kwam ik tot de ontdekking, dat het geen balletjes waren. Jimmy had deze niet in zijn soep en had andere ondefinieerbare stukken vlees, die de lokale mensen ook gewoon eruit haalden. Met veel tegenzin slikte ik dan mijn laatste hap nog door, nu ja, het zit in het hoofd want van smaak was het lang niet slecht, maar dus geen idee wat ik gegeten heb. Vervolgens kregen we super lekkere kip met groentjes en frietjes. Hierna wandelden we terug naar ons verblijf. Alle mensen hier in dit dorpje kijken ons aan en blijven ons echt nakijken en aanstaren. De kindjes riepen “gringo” naar ons en sommige mensen zeiden dan weer dat ik mooi haar had. Blijkbaar zijn wij de hoofdattractie in het dorpje voor vandaag en waarschijnlijk de rest van het jaar... Nu gaan we slapen op ons bed, waarvan ze vermoedelijk de matras vergeten zijn, want het is steenhard. Morgen hebben we een reisdag voor de boeg en vanaf dan weer een heel druk programma.
Vanochtend werden we gewekt door het geluid van enkele vogels. We hebben hier een hele goede nachrust gehad in dit rustige afgelegen dorpje. Vervolgens maakten we ons klaar en gingen we op zoek naar ontbijt. Het enige wat om 06:45 al open was en ontbijt kon aanbieden, had geen menukaart. De man somde snel een aantal dingen op en dan allebei maar hetzelfde gekozen. We kregen een bord met pasta, biefstuk, brood en een koffie met tien eetlepels suiker. Met wat tegenzin begonnen we aan de hele maaltijd, want dit is toch wel vrij raar om als ontbijt te eten... Vervolgens maakten we even een klein wandelingetje door het dorpje en dan gingen we eventjes op het pleintje zitten en genoten we van het ochtendzonnetje en konden we onze ogen uitkijken.
Om 08:00 ging de kathedraal open en we waren dan ook de eerste bezoekers. Niet enkel de buitenkant was heel mooi, ook vanbinnen waren het houtwerk, schilderwerk en de beelden echt wel de moeite! En dan de kers op de taart, de reden waarom ik deze kathedraal zeker wel eens wou zien: de catacomben. Eerst werden we naar een soort van replica van La Piedad geloodst, waar dan een koker naar beneden is. Hier kan je naar binnen kijken en hangen er een 50-tal skeletten en meer dan 1000 schedels, die ze destijds in de kathedraal gevonden hebben. Daarna bracht de man ons naar een rooster, waar we moesten in afdalen. Hier had je enkele gangen van de catacomben, waar ze ook een heel aantal lijken hebben gevonden.
Na het bezoek aan de kathedraal begonnen we onze rit richting Cuzco, wat zo’n 4 uur zou duren. Het eerste stuk reden we nog door prachtige landschappen. Daarna waren de landschappen nog steeds mooi, maar was er veel meer bebouwing met kleine dorpjes. Iets na Lampa namen we een boer met twee zaken lamawol mee. Dat lama’s stinken, hadden we al ondervonden, dus helaas was het geen alpacawol in de auto. De man was wel dolblij, dat hij de lift gratis gekregen had. Onderweg nog even een tankstop gedaan, de auto laten wassen voor €2,60 en dan op een bepaald punt ook nog eens tegengehouden door de politie. Geen discussie deze keer, ze vroegen gewoon waar we naar toe gingen en waar we vandaan kwamen en we mochte verder rijden. Onderweg aten we in een vaag tentje een soort vage gepaneerde vis en tot slot kwamen we dan rond 15:00 aan bij onze eindbestemming: Pisac.
Hier werden we vriendelijk onthaald in onze verblijfplaats en gingen we meteen op pad. Eerst bezochten we het marktje, waar ze de typische toeristendingen verkopen. Aanbod is hier genoeg, dus het is moeilijk om te weten, waar je eerst moet kijken. Daarna besloten we dat het tijd was voor een drankje in een gezellig zaakje. Als avondeten kozen we voor Mullu, wat echt een heel goede keuze was. Dit zaakje is een vzw voor lokale kunstenaars en heeft ook enkel locals in de keuken staan. Hier aten we het lekkerste eten, wat we tot nu toe in Peru hebben gekregen! Intussen is het al avond en zitten we nog even alles te plannen voor de komende dagen en dan zo meteen ons bedje in. De vrouw van onze verblijfplaats kwam zonet nog twee warmwaterkruiken brengen tegen de kou. Dat laatste valt momenteel nog wel mee vinden we, maar ik denk dat de spieren wel blij zijn met de warmte :-D.
Rond 05:00 werden we gewekt door de regen op het raam. We probeerden nog wat te doezelen, want we konden vandaag pas ten vroegste om 07:30 ontbijten. Toen we dan uiteindelijk opstonden was het al droog en scheen het zonnetje alvast. Ideaal dus. We kregen een lekker ontbijt met veel fruit en mochten onze auto aan de verblijfplaats laten staan. Vandaag stonden als eerste de Pisac ruïnes op de planning. Hier hebben we besloten te wandelen, maar we namen eerst een taxi tot helemaal vanboven op de berg. Daar kochten we onze entreekaart en hoewel we zelf vonden, dat half 9 al vrij laat was, waren we vrijwel de enigen in de ruïne. De ruïne loopt helemaal doorheen de bergen en bestaat uit vier grote onderdelen. Nadat je in het eerste stuk (Kinchiracay) hebt rondgewandeld, zie je het tweede stuk (Q’allaqasa)al bovenaan de berg liggen. Tussenin wandel je langs de mooie aangelegde inca-terrassen, die echt indrukwekkend zijn.
Hier moet je dan dus een heel stukje bergop om het tweede deel te bezoeken en vervolgens ga je links van de berg een heel eind over een oud inca-pad. De uitzichten waren echt fenomenaal en de ruïnes en terrassen zijn dan ook echt prachtig. Vooral bij de aankomst bij het derde stuk (Pisaqa) waren we echt omver geblazen. Hier had je van bovenaf een schitterend zicht op de overgebleven ruïnes en de omliggende natuur. En tot slot gingen we dan nog tot de tempel bovenaan de top (Intihuatana). Van daaraf gaat het pad helemaal terug naar beneden naar het dorpje Pisaq, waar onze auto dus nog stond. Onderweg kwamen we nog enkele oude overblijfselen tegen en hadden we voortdurend een heel mooi uitzicht. Desondanks dat we naar beneden wandelden, vergde het toch best veel, want het ging steil naar beneden en je zit hier nog steeds tussen de 3500 en 4000m hoogte. Uiteindelijk kwamen we aan in Pisaq en wandelden we nog eens even over het marktje. Vervolgens gingen we een broodje eten op een van de vele balkons boven het pleintje. Zo kan je toch nog veel rondkijken en je verwonderen over de manier, waarop ze hier leven.
Hierna gingen we onze auto oppikken en reden we naar de volgende ruïne: Tambomachay. Dit is in verhouding met Pisac slechts een kleine ruïne en we moesten ook maar een klein stukje ernaar toe wandelen. Hierna volgde ook nog Puca Pucara, dat slechts een kleine kilometer van Tambomachay afligt. Ook deze ruïne is wat kleiner, maar biedt een mooi zicht op het omliggende landschap. Vermits we best nog wat tijd over hadden, besloten we ook nog Sacsayhuaman te bezoeken. Deze ruïne ligt vlak bij Cuzco en werd minder als geloofsoord en eerder als verdedingsvestiging gebruikt. Deze ruïne vonden we ook allebei heel speciaal, omdat de stenen waaruit ze bestaat, echt gigantisch groot zijn. Het is tot op vandaag nog steeds niet 100% geweten, hoe de inca’s dit gebouwd hebben. Bovendien stond er aan de top van de ruïne toevallig een alpaca, dus dat maakte voor Jimmy het plaatje compleet. Ook hier wandelden we tot boven en hadden we een mooi zicht over Cuzco. Bij de afdaling zagen we nog een hele groep alpaca’s en moesten we best lachen met de manier waarop deze beesten eigenlijk lopen...
Intussen was het 15:00 door en waren we allebei best moe van de drukke dag. We reden dus naar ons hotelletje in Cuzco en wilden iets gaan drinken. We liggen slechts 15minuten van het centrum, maar wel bovenop een berg. Eerst dus helemaal naar beneden en dan op het San Francisco plein genoten van een drankje en gebakje. Vervolgens wat door de winkelstraatjes gewandeld en dan de Plaza de Armas bezocht met de kathedraal. We komen hier na Machu Picchu nog terug, dus we bsloten nog een museumpje mee te pikken (gratis dankzij ons ticket) en kozen voor lokale kunst. We wisten op voorhand, dat dit niet echt ons ding zou zijn, maar het duurde niet lang en was wel eens interessant om te zien. Hierna deden we nog wat toeristenmarktjes en gingen we op een pleintje eten met een lekker flesje wijn uit Ica. Intussen was het al bijna 20:00 en moesten we nog helemaal terugwandelen naar ons hotel. Vermits we eigenlijk niks meer voelen van de hoogte (buiten kortademigheid bij zware inspanning) ging het ons vrij goed af en waren we in een mum van tijd de honderden trappen terug omhoog geklommen. Nu nog de laatste dingen voor de komende dagen plannen en dan slapen na een vermoeiende, maar weeral prachtige dag.
Tegen 06:00 waren we alweer wakker en we zaten dus ook weer als eersten om 07:00 aan het ontbijt. We waren even onze sleutel kwijt, bleek dat Jimmy deze, de hele nacht op de buitenkant van onze deur heeft laten zitten. Typisch ☺. We hadden een mooi uitzicht over Cuzco en het ontbijt was ook dik in orde. Vervolgens vertrokken we meteen richting onze eerste bestemming van vandaag: de zoutmijnen van Maras. Hier bevat het water van nature uit zout en wordt het uitgedroogd op een 3000-tal terrassen. Vervolgens wordt het zout nog op de oude manier verwerkt en uiteindelijk verkocht. Vroeger mochten de mensen op de terrassen, dit mag gelukkig niet meer. Het zou te veel bacteriën met zich meebrengen, waardoor de kwaliteit van het zout achteruitging en de terrassen er ook onder te lijden kregen.
Na het bezoek aan Maras gingen we verder richting Moray. Hier heb je een archeologische site, die ook nog uit de Incatijd stamt. Het doel van de grote cirkelvormige terrassen is nog steeds niet 100% zeker, maar ze achten de kans groot, dat het een soort van landbouwlaboratorium was, waar gekeken werd op welke manier (hoogte/temperatuur/hoeveelheid zonlicht en schaduw) de gewassen het beste groeiden. Hier wandelden we ook een dik uur rond, want het blijft echt interessant om te zien, hoe de Inca’s dit alles realiseerden en bouwden. Vermits we al vroeg uit de veren waren, hadden we deze dingen voormiddag al gedaan en besloten we een stukje terug te rijden naar Chinchero.
In Chincero heb je nog veel originele Inca-fundamenten liggen, waarop de huidige huisjes gebouwd zijn. Verder heb je er ook nog de Chinchero-ruïne, die ook weer van vakkundig bouwwerk getuigd. De Inca’s slepen de grote rotsblokken namelijk, tot deze echt als puzzelstukjes in elkaar vielen. Bovendien heb je hier ook nog een mooi kerkje, met aan de binnenkant schilderingen op de muren en alle plafonds. Op weg naar deze ruïne en het kerkje, had je overal stalletjes met typische souvenirs en handwerk. Bovendien was er ook een klein marktje en werd je hier en daar wel door kinderen eens vastgeklampt, om iets te kopen. Na dit bezoek was het hoogtijd om te eten, dus we besloten Empanadas te eten. Deze werden in een grote houtoven gebakken en waren echt wel lekker.
Hierna reden we richting Ollantaytambo. Onderweg stopten we nog bij een meer en deden we nog een paar mooie uitkijkpunten. Ollantaytambo is één van de dorpjes, die nog het meeste gelijken op hoe het vroeger in de Incatijd was. Bovendien is dit ook één van de uitvalsbasissen voor naar Machu Picchu te vertrekken. Bijgevolg dus best toeristisch, maar zeker wel charmant. Het inchecken en parkeren van de auto was best even een bevalling, maar uiteindelijk alles toch gelukt en nog goed kunnen regelen voor de komende dagen. Dat verdiende dus een terrasje op het marktplein. Na ons drankje maakten we een dorpswandeling en genoten we van het prachtige zicht op de bergen en de ruïnes boven ons. We bezochten het plaatselijke marktje en natuurlijk ook alle straatjes, gevuld met de typische Peruviaanse winkeltjes. Toch kan je hier en daar telkens nog nieuwe dingen vinden, waardoor ook deze dingen leuk blijven. Vervolgens nog een terrasje gedaan op het balkon en dan de zonsondergang met zicht op de ruïne gaan kijken. Dit in het gezelschap van Jimmy uiteraard en een reusachtige straathond, waarmee ik alvast meteen een klik had ☺... Helaas, past hij niet in mijn bagage ☹. Hierna was het al tijd voor een gezellig avondetentje met een flesje wijn. De tijd vliegt hier nog steeds, maar Peru is dan ook zeer afwisselend en smaakt zeker naar meer! Nu alles in gereedheid brengen voor morgen, want ’s avonds vertrekken we met de trein naar Machu Picchu!
Zoals gewoonlijk waren we alweer zeer vroeg wakker en gingen we na het ontbijt dan ook meteen op pad. We begonnen met een bezoek aan de ruïne van Ollantaytambo. We hadden gezien, dat er gisteren enorm veel volk was, dus we wilden de massa voor zijn. En dat lukte goed. Om 08:20 stonden wij al bovenaan de top van de berg op de ruïne en waren er nog niet veel mensen in de verte te bespeuren. We hadden dus alle tijd om op ons gemak de ruïne te verkennen en vervolgens nog een stukje te wandelen naar het rechterdeel, dat verderop de berg lag. Hier besloten we ons een half uurtje te vestigen en te genieten van het uitzicht, alvorens we aan de afdaling begonnen. Onderweg zagen we nog zeer goed, hoe de inca’s hun irrigatiesystemen bouwden en waren er ook weer enkele alpaca’s van de partij. Deze ruïne vonden we zeker al de moeite, maar op de berg tegenover Ollantaytambo heb je ook nog een stuk met ruïnes liggen. Dit gingen we niet beklimmen, vermits we fit wilden zijn voor Machu Picchu morgen.
Daarom gingen we dus eerst op het pleintje een sapje drinken en wat genieten van de zon. Vervolgens klommen we een klein stukje naar deze ruïnes omhoog, tot we een mooi zicht hadden op de ruïne van Ollantaytambo. Daarna daalden we af en besloten we alvast eens naar het station te wandelen, zodat we zeker waren hoe lang het zou duren en hoeveel tijd we hiervoor nodig hadden. Bij terugkomst in het dorpje, gingen we dan in het Cavia-museum iets eten. Op dat moment begon het even te onweren en te regenen, dus bleven we nog wat langer zitten en iets drinken. Hierna besloten we nog wat te wandelen, maar ik begon mij intussen behoorlijk belabberd te voelen. Tegen 15:00 moest ik dan ook overgeven, toen we onze spullen gingen halen. Al bij al niet zo erg, want ik dacht, dat daarmee alles van mij af was en alles terug in orde was. Mis gedacht dus. Eenmaal aangekomen bij het station, moest ik terug overgeven. Nu zou het wel in orde zijn ☺.
De IncaRail stopte en we stapten op. We zaten gelukkig al met de richting mee, maar ik voelde me nog steeds vrij belabberd. Na een kwartiertje in de trein, dan maar terug naar de wc gegaan en opnieuw overgegeven. De treinrit duurde in totaal 1 uur en 40 minuten, waarbij ik voortdurend heb moeten overgeven en ook last van buikloop had. Bijgevolg was ik aan het einde van de rit zodanig uitgedroogd, dat ik flauwviel. De mensen van Incarail waren zeer behulpzaam en hielpen me terug “op de been”, regelden een rolstoel bij aankomst en begeleidden ons naar het hotel.
Daar hadden ze de dokter al verwittigd en binnen de kortste keren werd onze hotelkamer omgebouwd tot een ziekenhuiskamertje. De dokter en verpleegster konden enkel Spaans, maar dat ging uiteindelijk voor mij nog vlotjes. Ik had dus een voedselvergiftiging, waarschijnlijk opgelopen door de salade van mijn broodje of het water van de thee, dat besmet was.... De volgende 4 uur heb ik dan aan het infuus gehangen en stond ik onder toezicht van de verpleegster. Tegen de avond voelde ik me al een beetje herkomen en kwam de dokter nog eens kijken en gaf ons toestemming om toch morgen Machu Picchu te bezoeken. Gelukkig heb ik me dus maar enkele uren echt heel ellendig gevoeld en was ik door de goede zorgen al bij al snel terug opgeknapt. Dat hebben we dan ook weer eens meegemaakt ☺.
Na een korte, maar toch al bij al nog goede nachtrust, moesten we al vroeg onze trein naar Machu Picchu halen. We waren speciaal vroeger opgestaan, om te kijken hoe ik mij voelde en of ik eten kon binnen houden. Als ontbijt dus toch een half broodje met gelei naar binnen gespeeld en gelukkig kunnen binnenhouden. Dan ook maar flink de medicatie genomen van de dokter en dan vertrokken we op pad. Eerst kochten we de bustickets en vervolgens moesten we in de lange rij gaan aanschuiven. De busrit duurde een 20-tal minuutjes en dan kwamen we aan bij het prachtige Machu Picchu. Ook al ben je hier niet alleen, toch kan niets op tegen de prachtige natuur en het imposante bouwwerk, dat ze hier destijds op wonderbaarlijke manier hebben neergezet.
Vermits wij tickets hadden naar de Machu Picchu Mountain, mochten we langer dan normaal op de site blijven. Eerst deden we enkele uitkijkpunten en toen begonnen we aan de wandeling. Vermits de wandeling voortdurend stevig bergop is, wist ik, dat ik hiertoe niet in staat zou zijn. Ik stuurde Jimmy dus alleen op pad en ging zelf terwijl de ruïnes ontdekken en zette me daarna op een hoger uitkijkpunt, genietend van het uitzicht. Tegen 11:00 ging ik terug richting de wandeling om Jimmy op te wachten, maar blijkbaar had hij al uitgecheckt. Hij was tot het 5de van de 8 uitkijkpunten geraakt, maar het was een zeer pittige wandeling en het pad was te klein, voor het aantal mensen, die het deden. Dus hij besloot eerder terug te keren.
We vonden elkaar dus toch al bij al nog snel in de massa en zagen intussen ook nog veel lama’s en enkele überschattige babylama’s. Normaal mag je de site niet verlaten, maar met onze bergkaart, mocht dat wel. We besloten dus terug naar het begin te gaan en even uit te checken, zodat we konden eten en ik ook evt. naar het toilet kon als dat nodig zou zijn. Een notenreep en banaan later, voelde ik me nog steeds ok en besloten we dus terug naar de site te gaan. Nu verkenden we het ruïnegedeelte zelf, dat ik voormiddag in mijn eentje al grotendeels gedaan had. Vervolgens vonden we een leuk plekje in de schaduw, met een mooi zicht op de ruïnes en de natuur en besloten we daar een tijdje te zitten en gewoon te genieten van al dit moois. Hierdoor was ik ook al snel het zieke gevoel van gisteren vergeten en ook al voelde ik me nog een beetje slapjes, toch kon dat zeker de pret niet bederven. Tegen een uur of drie hielden we het voor bekeken en namen we het busje terug naar beneden. Daar besloten we te lunchen en koos ik voor kippensoep, kwestie van nog niks zwaars te eten en mijn lichaam eerst te laten bekomen van gisteren. Daarna bezochten we het marktje, waar ze de typische toeristensouvenirs en ook wat handwerk verkochten.
We hadden pas de trein om 20:20, dus vervolgens hebben we nog een beetje op een bankje gezeten en genoten van het uitzicht. In dit dorpje zijn er ook geen auto’s (enkel de busjes van Machu Picchu). Het was dus ook grappig om te zien, hoe de mensen hier alles doen zonder auto (bv. vervoer van zware dingen). Een 40-tal minuutjes voor vertrek checkten we in voor de trein en herkende het meisje mij nog van gisteren... Dit keer viel de treinrit wel goed mee, vermits ik terug in orde ben. Om 22:00 kwamen we aan in Ollantaytambo en liepen we nog een kwartiertje terug naar onze verblijfplaats. Ondanks dat we vreesden, dat Machu Picchu niet het hoogtepunt zou zijn, moet ik toch toegeven, dat het ons echt heeft omvergeblazen.
Deze morgen waren we weer om 6.00 op. Om 7.00 snel ontbeten en toen vertrokken naar Cusco. Onderweg de benzinebak nog rap volgedaan en daarna auto binnen gebracht bij de verhuurmaatschappij. Ze deden eventjes moeilijk over specifieke schade, maar deze was er al voordat we de auto kregen en stond volgens ons ook duidelijk op het papier. Uiteindelijk goedkeuring gekregen en auto dus heelhuids kunnen achterlaten. Van hieruit namen we dan een taxi naar onze verblijfplaats. Daar hebben we direct onze vuile was gesorteerd en aan de eigenaar van ons verblijf gegeven. De mensen van ons verblijf zijn heel vriendelijk en behulpzaam. We verblijven in de wijk San Blas, die eigenlijk heel gezellig is en iets heeft van de Zuiderse dorpjes in Griekenland.
Hierna vertrokken we richting het marktplein en deden we een terrasje. We brachten nog een bezoekje aan het historisch museum, maar waren hier al bij al snel rond. Hierna was het tijd om te eten. Na het eten gingen we naar de artisanale markt op de Avenue del Sol. Deze markt is minder toeristisch en zou ook een stuk goedkoper zijn, dan de andere markten. Het was best een stukje wandelen en bij aankomst was er keuze in overvloed.
Helaas stond alles zodanig op elkaar, dat je nauwelijks overzicht had en we ergens ook te lui waren om echt te zoeken. Onderweg terug naar het centrum, kwamen we nog een marktje tegen en hier zat een man keramieken potjes met de hand te schilderen. Wie thuis binnekort een tasje koffie drinkt, kan dus suiker uit zo’n kommetje nemen. Hij vroeg ook belachelijk weinig voor zijn handwerk. Tegen half drie waren we terug in het centrum en besloten we naar onze verblijfplaats te wandelen. Hier brachten we al een aantal dingen in gereedheid en vertrokken we om iets na vier richting de briefing van onze tour in het amazonewoud. We zullen in totaal met 5 mensen zijn, wat dus dik in orde is. De gids legde het geheel uit en zal ons morgen dus begeleiden tot aan de boot. Van daaruit vertrekken we nog dieper het amazonewoud in en zullen we onze definitieve gids ook ontmoeten. Na de briefing gingen we op de Plaza de Armes in een gezellig zaakje eten en brachten we nog even een bezoekje aan een klein marktje. Nu alles in gereedheid brengen en dan vertrekken we morgen om half zes al met het busje naar het regenwoud.
Vanaf dan is de kans op Wifi dus vrijwel nihil, maar mocht er een mogelijkheid zijn, dan posten we hier wel iets ;-). Tot binnenkort!
Vanochtend ging onze wekker al om twintig voor vijf af. We maakten ons snel klaar, pakten onze laatste spullen in en lieten onze bagage achter in de kamer. Om 05:30 moesten we aan het bureau van Amazon Trails Peru zijn en daar werden we met het busje meegenomen. Onderweg pikten we onze gids en Nadia, onze Duitse medetoeriste nog op. Al snel reden we dus uit het centrum richting de jungle. Onze eerste stopplaats was een bakkerij, waar we te zien kregen hoe het brood hier gebakken wordt. Daarna ging de route meer de bergen in en stopten we nog bij een aantal graftempeltjes van de pre-inca tijd. Onze eerste grote stop was dus voor het ontbijt in het dorpje XXXX. Hier kregen we een typisch ontbijtje voorgeschoteld en vervolgens toonde onze gids ons het dorpje, met de bekende brug, de typische wit-blauwe huisjes en het museum. In het museum kregen we meer info over de jungle, de stammen, maar ook over het jaarlijkse religieuze festival, waarbij iedereen zich verkleedt. Na deze dingen ging de route verder en kregen we onderweg ook nog enkele snacks aangeboden. Het uitzicht bleef mooi en onderweg zagen we dus voortdurend de rivier, de bergen en enkele kleine dorpjes.
Hierna arriveerden we bij de “ingang” van het Manu National Reserve. Hier hadden we een mooi uitkijkpunt en zagen we ook meteen onze eerste havik, enkele kleurrijke vlinders en een soort kolibrie. Vervolgens terug het busje in voor nog een stukje te rijden en toen begon de jungle op te duiken. Het busje zette ons af, zodat de kok en de chauffeur aan het eten voor de lunch konden beginnen. Wij gingen intussen met de gids op pad en zagen onderweg een mooie waterval en de dusky-green oropendola. We hebben geluk met onze gids, want hij is zeer gepassioneerd en doet dus ook veel moeite. Meer vogels zagen we niet, dus we keerden terug naar ons busje, waar een heuse picknick klaarstond (kip, zoete aardappel, warme groenten, brood en fruit als dessert). Net bij het eten werd ons geduld beloond en kregen we te zien, waarom er weinig vogels zaten. Plots verscheen er een chestnut eagle en konden we deze prachtige vogel bewonderen. Na het eten gingen we dus terug verder met het busje, maar onze gids liet vaak het busje stoppen, om vogels te spotten.
Zo zagen we ook nog de smoke-coloured pewee, de Hemispingus Urubamboe, nog enkele Oropendola’s, een masked trogon en een Swallow-tailed nightjar, broedend op haar nestje op een rots. Na de verschillende stops, stopten we bij een rivier, waar we enkele wilde eenden en nog een watervalletje zagen. Van hieruit gingen we door naar de “hidden place”, waar de cock of the rocks zitten. Deze felle roodkleurige vogels zijn prachtig om te zien en er zaten er best wel een aantal. Hier hebben we een dik half uur gekeken en genoten van de vogels en het uitzicht. Van hieruit was her dan ook niet meer zo ver naar de lodge. Onderweg zagen we nog een Amazonian Umbrellabird en tot slot kwamen we dan aan bij de Bamboo Lodge. Hier hebben we ons eigen bamboehuisje met klamboe’s, badkamertje, open muren met netten en een rieten dak. Een idyllische plek midden in de natuur, waar best wat vogeltjes zitten. Hier genoten we nog van de zonsondergang en relaxten we even voor het avondeten van 19:30. Na lekkere snacks, pompoensoep, vis met groenten en rijst en een lekker dessertje, besloten we ons nog gauw te douchen (met koud water in het amazonewoud uiteraard). Vervolgens kropen we ieder ons muskietennetje en genoten we nog van de geluiden van de jungle tijdens het inslapen. Er is bovendien een prachtige sterrenhemel en je kan de melkweg zien.
Vermits alle hutjes open zijn, kan je de geluiden van de jungle heel goed horen. Desondanks waren we vrij snel in slaap gevallen. Rond 5 uur ‘s ochtends was er plots een enorm onweer en bliksem vlakbij onze hutjes. We moesten sowieso opstaan, want om 06:00 zouden we een wandelingetje doen. Deze viel echter een beetje in het water, dus konden we iets vroeger ontbijten. Het ontbijt was meer dan goed en we overliepen met de gids nog even de planning en maakten een korte wandeling door de tuin. Dan werden we met het busje naar Attalaya gebracht, waar we onze rubberen laarzen kregen en nog gauw plastieken zakken voor onze rugzakken. Vervolgens werden we op het bootje gezet en moesten we de rest van het groepje oppikken.
Onderweg kregen we onze snacks en moesten we een drietal uurtjes varen. Ondertussen regende het af en toe, maar goed, want anders was de rivier te laag. Bovendien zitten we niet voor niets in het regenwoud. Onderweg zagen we enorm veel vogels, waaronder zelfs enkele zeldzame, zoals de Karakara. Eenmaal aangekomen bij ons verblijf, mochten we even vrij rondlopen. Wij besloten samen met Nadia een stukje te wandelen en nadien nog bij de gids wat tijd door te brengen. Hierdoor zagen we ara’s, oropendola’s, papegaai en nog enkele kleinere vogels. Om half vier hadden we dan een wandeling opstaan met gids. Hij loodste ons het woud in en liet ons allerlei vogels en enkele insecten zien. Verder kregen we ook veel algemene info mee over het amazonewoud en de natuur, dus zeker interessant. Bovendien hadden we geluk, want we zagen in de verte een aantal wilde varkens voorbijsnellen en de bruine kapucijnapen in de bomen rondbungelen. Zalig om te zien, dus zeker een geslaagde wandeling. Hierna mochten we ons klaarmaken voor het avondeten om 19:00. Naarmate de dagen voorbijgaan, wordt het eten aangepast. Ze hebben hier geen elektriciteit, dus vis en vlees moeten eerst op. Verlichten doen we met onze zaklampen en kaarsen. En ‘s avonds is er twee uurtjes een generator in het hoofdgebouw.
Na het eten gingen we nog een avondwandeling doen met de gids. Het is hier natuurlijk stikdonker, dus met onze zaklampen gingen we op zoek naar beestjes. We vonden een kikker, een hele hoopt kevers, sprinkhanen en andere insecten en tot slot de mooiste vangst van de avond: een redchest hagedis. Deze zijn heel zeldzaam en dus kregen we voldoende tijd om het beestje te bewonderen. Hierna wandelden we terug naar onze hutjes en werden we geadviseerd op tijd te gaan slapen. Want morgen gaat de wekker om 04:30 al af, voor een nieuwe dag.
Na een goede nachtrust ging de wekker al om 04:30 af. Ons snel klaargemaakt en alles ingepakt. Vervolgens om 05:00 naar het ontbijt en dan rechtstreeks de boot op. Tot nu toe zaten we nog in gebied, waar hier en daar dus mensen leven. Nu gaan we echt het Manu park in, waar slechts een paar verblijfplaatsen zijn, om toeristen op te vangen. De rest is onbewoond op een paar plaatselijke primitieve stammen na. We zouden dus in totaal een 10-tal uur op de boot doorbrengen vandaag. Het weer was heel helder en al snel zagen we aantal arenden, haviken, een lepelvogel en nog een aantal kleinere vogels. Na een drietal uurtjes kwamen we aan bij de check-in van het park en kregen we nog even een algemene briefing over het park. Daarna ging het met de boot verder op de Manu river en verlieten we dus de Rio de Madre, die een stuk breder is. Eenmaal in Manu spotten we al snel onze eerste schildpadden!! Super leuk om te zien, maar wel heel schuchter.
Onderweg zagen we echt nog een grote diversiteit aan vogels en ook opnieuw de kapucijnaapjes. Het was intussen ook al echt warm geworden, dus de wind van het varen deed deugd. Onderweg stopten we een aantal keer op de rivierbank om de benen te strekken. Tegen 13:00 hadden we al een lang stuk van het varen erop zitten en kregen we op de boot te eten, om zo wat tijd te sparen en geen slachtoffer van de zandvliegen op de rivierbanken te zijn. Ik sta nog steeds onder de beten van Machu Picchu, maar de beten hier vallen voorlopig in aantal mee. Na het eten was het nog een uurtje in de boot en toen mochten we wandelen. We wandelden de jungle in en zagen een salamander, een aantal vogels en kwamen dan uit bij een Oxbow lake. Hier zitten soms Giant Otters. Otters zagen we niet, maar wel een kaaiman, een kolibrie, jakara en enkele andere vogels. We krijgen nog kansen om otters te zien en het is en blijft natuur. Plannen kan je het niet.
Hierna wandelden we nog naar een reusachtige boom en dan was het nog een uurtje boot zitten tot aan onze verblijfplaats. Onderweg zagen we nog veel vogels en enkele schildpadden. Bij aankomst kregen we weer een mooi en gezellig hutje met ons eigen badkamertje. Hierna even opfrissen en dan om 18:10 de avondwandeling.
Dieren gezien dag 2 en 3:
White flanked antwren, muscovy duck, orinoco goose, sungrebe, black skimmer, cocoi heron, roseate spoonbill, capped heron, cattle egret, great egret, snowy egret, striated heron, horned screamer, plumbeous kite, black and white hawk eagle, swallow-tailed kite, greater yellow volture, roadside hawk, black volture, red throated caracara, purple gallinule, wattled jacana, pied lapwing, spotted sandpiper, large bill tern, yellow-billed tern, pale-vented pigeon, chestnut fronted macaw, blue-headed parrot, tui parakeet, squirrel cocook, sand colored nighthawk, amazon kingfisher, black fronted nunbird, tropical kingbird, social flycatcher, white banded swallow, white winged swallow, silver beaked tanager, blue-gray tanager, red capped cardinal, russet backer oropendola, crested oropendola, yellow rumped casique, crimson-crested woodpecker,
Phyllomedusa frog, phyllomedusa camba, enhialioides palpebralis lizzard, yellow spotted amazon river turtle, slender anole, crested forest toad
Vanochtend konden we iets langer slapen en moesten we pas om 06:30 op het ontbijt zijn. Als ontbijt kregen we pannenkoeken en vervolgens vertrokken we met het bootje naar de overkant van de rivier. Hier stapten we uit en begon er een wandeling. Al snel hadden we geluk en zagen we tijdens het wandelen enkele spider monkeys in de bomen bengelen. Vervolgens kwamen we aan bij het andere oxbow lake (santiago). Hier gingen we op een catamaran, die zachtjes werd vooruit gepeddeld. Al snel zagen we de giant otters in hun dagelijkse habitat. Heel speciaal en mooi om te zien. In totaal genoten we twee en een half uur van de otters, een hele resem vogels, apen en ook een kaaiman. Na onze tocht op de catamaran, was het tijd om nog een stuk te wandelen. We zagen nog enkele vogels en opnieuw de spider monkeys.
Hierna was het tijd om terug te keren naar onze verblijfplaats. Het bootje bracht ons terug en Jimmy en ik gingen hier in de omgeving nog even op zoek naar gekke diertjes. Vervolgens was het tijd voor de lunch en was er ook een siësta tot 15:00. Opnieuw gingen Jimmy en ik even op pad naar insecten, vlinders en reptielen. En ik speelde ook nog even een spelletje met Nadia, want het was ongelofelijk warm en zwoel. Om 15:00 gingen we dan terug met de gids op wandeling voor 2,5 uur. Het was zweten en drinken geblazen, want het was echt heel warm. Onderweg werden we weer op spektakel getrakteerd door drie verschillende soorten apen. Verder zagen we weer een grote verscheidenheid aan vogels.
Tegen 17:30 kwamen we terug van onze wandeling en hadden we echt nood aan een verfrissende douche. Om 18:10 stonden we al terug gereed voor de nachtwandeling. Om 18:00 is het hier al pikdonker. We zagen veel insecten en spinnen. De gids had nog een mooie kikker onder een blad gevonden. Vervolgens moesten we terug voor het avondeten. We kregen soep, lasagne en weer een stukje fruit als dessert. Hierna kregen we nog de briefing voor morgen en overliepen we de dag nog eens even. Nu is het slaaptijd, want om half vijf gaat de wekker weer af.
Dieren gezien dag 4:
Giant otters, black spider monkey, red houler monkey, wooly monkey, brown capucin monkey, squirrel monkey, kaaiman, ringed kingfisher, rufescent tiger heron, hoatzin, scarlet macaw, blue and yellow macaw, king volture, striated heron, red capped cardinal, white wing swallow, screaming piha, jacamar, ladder-tailed nightjar, melay parrot, blue throated patin-guin, razor bulled curasow, clown tree frog
Om half 5 ging de wekker alweer af. Om 5 uur zaten we al getrouw aan het ontbijt. Meteen daarna moesten we met de boot naar het volgende regenwoudstation. Onderweg zagen we nog een heleboel vogels en apen. Bij aankomst aan het station moest ik meteen sprinten naar het toilet, omdat ik te lang gewacht had met het te vragen. Hierdoor is mijn naam weer gemaakt en lachten ze me allemaal uit. Na onze registratie gingen we wandelen naar een clay lick. Onze gids Alfredo nam het nieuwe pad en op een bepaald punt was hij dus mis gegaan. We moesten dus bij dit zwoele weer best nog een stukje terug. Vervolgens moesten we met onze rubberen laarzen twee riviertjes oversteken en best enkele steile stukken modder doorkruisen. Tot nu toe zelfs in mijn geval zonder te vallen (het bijna vallen tel ik niet mee). Bij aankomst aan de clay lick zagen we enkele apen en dan plots een red brocked deer. Dit is een soort hert, dat vrij zeldzaam is om te zien. Verder zagen we nog enkele vogels, een salamander en de three striped poison frog.
Na een hele poos geduldig wachten en dieren spotten, keerden we terug naar de boot. Daar kregen we onze snacks en gingen we met de boot terug naar onze kampplaats. Hier kregen we een soort broccolitaartje en pompoenpuree voorgeschoteld. Na het eten hadden we een korte siësta, want het ging vanavond later worden. Het ideale moment om van een verfrissende douche te genieten en de haren te wassen. Deze zijn trouwens instant droog in dit klimaat, maar douchen doe je de hele dag door in je eigen zweet. Vervolgens speelden we nog een spelletje en dan was het al tijd om te vertrekken. We namen onze spullen en gingen met het bootje terug naar de overkant van de rivier. Van hieruit moesten we terug wandelen naar het oxbow meer, waar we gisteren de otters zagen. Onderweg spotte onze kapitein plots iets heel bijzonders in een boom: the southern tamandua (miereneter). Dit was zo speciaal om te zien. We hadden er ook vrij goed zicht op en konden zien hoe hij at.
Hier spendeerden we dus best wat tijd en dan gingen we terug de catamaran op. Deze werd weer heel rustig vooruit gepeddeld. Op het meer zagen we een eenzame otter, spider monkeys en een heleboel vogels, zoals toekans, papegaaien, ijsvogels, etc. We bleven tot zes uur zoeken naar vogels en toen werd het donker. Op dat moment gingen we op zoek naar kaaimannen en krokodillen. We vonden er enkele en konden ze van dichtbij bewonderen. Hierna was het tijd om terug te keren naar de oever, maar onderweg konden we nog genieten van de prachtige sterrenhemel met goed zicht op saturnus, de schorpioen en de melkweg.
Eenmaal op de oever moesten we nog een half uurtje in het donker terugwandelen naar de rivier. Onderweg vonden we nog een cane toad, een salamander en enkele chique spinnen. Zo hadden we de nightwalk ook in één keer gehad. Tegen 19:15 kwamen we aan met onze boot aan het kamp en gingen we praktisch meteen eten. Tijdens het eten overliepen we de dag nog eens en beseften we, hoeveel geluk we hadden met wat we al gezien hebben hier in het amazonewoud. Tegen 20:30 waren we in onze kamer en vond ik een kakkerlak op mijn muskietennet. De insecten zijn hier zodanig groot, dat ik me er eigenlijk precies goed overheen kan zetten. Eenmaal in bed was ik bijna in slaap, toen Jimmy plots zei: slaap je al? Blijkbaar had hij iets horen vallen over een slang bij onze gids. Meteen in mijn pyjama de wandelschoenen aangetrokken en gaan kijken. Inderdaad, de gids had een prachtige rode slang gevonden. Deze was niet giftig, dus heb eens gevoeld hoe dit beest precies aanvoelde. Ziet er glibberig uit, maar is het niet. Enkele foto’s van het mooie dier gemaakt en dan terug in bed gekropen. Morgenvroeg moeten we alweer om 05:00 aan het ontbijt zitten, dus wordt weer een lange en drukke dag.
Dieren gezien dag 5:
Southern tamandua, spider monkey, rufous sided crake, green kingfisher, red brocked deer, red and green macaw, scarlet macaw, rose fronted parkeet, black tailed trogon, lesser kiskadee, sulphur bellied flycatcher, black fronted nunbird, swallow-wing, caned tote, bat falcon, herret screamer, black volture, morfo butterfly, yellow swallow tail butterfly, limpkin, jacana, white throated tucan, channel-billed tucan, three striped poison frog, cane toad
Naar goede gewoonte waren we alweer om half vijf in actie. We ontdekten een nog grotere kakkerlak in ons hutje, dan het vorige exemplaar. Op zich geen probleem, zolang ik er maar geen mee neem naar huis per ongeluk :-). Onze spullen opgeruimd, kleren uitgeschud (een must vermits er beestjes zijn, die er eieren in kunnen leggen en die eieren kunnen dan onder je huid komen te zitten en kunnen daar open gaan) en dan was het alweer tijd voor het ontbijt. Vervolgens moesten we in de boot voor een zestal uur. We verlaten vandaag het Manu park en gaan terug de Rio de Madre op. Onderweg zagen we opnieuw veel vogels, zoals de lepelvogel, een nachtuil, etc. en ook een zwarte kaaiman, enkele witte kaaimannen en squirrel monkeys. Dit keer vroeg ik tijdig voor een plaspauze en stopten we zoals gewoonlijk in de bosjes. Een tweede stop deden we aan het eindstation van Manu om ons terug uit te schrijven en dan gingen we terug de grote Rio de Madre op. Hier stopten we onderweg in een van de grote dorpen (lees: groot naar ons gevoel, vermits we al zes dagen van de beschaving verwijderd zijn). Hier konden we een koude cola en biertje kopen; want dit hebben we al zes dagen niet gehad en bovendien hebben we al zes dagen geen koud drinken meer gehad. Logisch, vermits er geen elektriciteit is om te koelen.
Al snel terug de boot op, genietend van onze verfrissende drankjes en dan nog een tweetal uur genoten van de prachtige natuur en de vele vogels. Rond 12:45 kwamen we aan in onze nieuwe lodge en konden we ons snel even opfrissen voor de lunch. We kregen opnieuw rijst, dit keer met een frisse salade en linzenpuree. Vervolgens wandelden Jimmy en ik nog even door de tuin, want we hebben twee uurtjes siësta. Jimmy ligt nu even te knorren op bed, terwijl ik de blogs in orde breng. Om 15:45 vlogen we er weer tegenaan en vertrokken we voor een wandeling van een uur naar de tapir lick. In de tuin zagen we al meteen een nieuwe soort aapjes. We hadden dus weer geluk. Onderweg zagen we in de verte enkele vogels en na een uurtje kwamen we aan bij de tapir lick. Hier is een platform met allemaal matrassen en muskietennetten. We zagen enkele kikkers en vlinders en toen het begon te schemeren, aten we gauw onze lunch op, die we in doosjes hadden meegekregen. Zodra het echt schemerde zag ik plots een grote zwarte gestalte geruisloos verschijnen. Daar was hij dan, de tapir. Een super mooi dier, maar enorm schuchter. We genoten van het uitzicht en de gids scheen af en toe wat bij met licht. Een perfecte afsluiter van een mooie dag!
We bleven nog tot 20:30 wachten, maar er kwamen geen tapirs bij en de onze had ons terug verlaten. We besloten dus onze spullen te nemen, want we moesten nog een uur terugwandelen. Je kon trouwens aan de hemel zien, dat er een onweer zat aan te komen, want het bliksemde in de verte bij momenten. Onderweg zagen we in het donker nog enkele kikkers, salamanders en insecten. Bij aankomst aan ons hutje wilden we de deur opendoen. De reusachtige sleutelhanger hadden we nog, maar de sleutel was foetsjie. Typisch. Dan maar reservesleutel gaan vragen. Hierna nog gezocht naar de sleutel, maar deze was niet te vinden. Dan nog maar gauw onder de douche en dan ons bed in, want morgen vertrekken we al om 05:00.
Dieren gezien dag 6:
Vannacht was het onweer en de regen losgebarsten. Om 04:30 kwam Wilfredo, onze gids, op de deur kloppen, om te melden dat we een half uur later zouden vertrekken dan gepland. Nog even een half uurtje kunnen snoezen dus en dan was het om 05:00 toch tijd om op te staan. We zijn er al helemaal aan gewend om ons in schaars kaarslicht klaar te maken en waren dan ook in een mum van tijd klaar. We gingen naar de verzamelplaats, vonden buiten in het gras onze verloren sleutel en gingen dan naar de boot. Het regende nog steeds, maar op zich goed, want het was al te lang droog. In de regen en het onweer trotseerde onze boot de rivier en na een uurtje kwamen we aan. Gewapend in onze regenkledij en rubberen laarzen wandelden we het pad naar de macaw clay lick. Hier komen vaak papegaaien mineralen uit de modder halen. Na een half uurtje waren we op het platform en hadden we goed zicht op de lick. Door de regen waren er voorlopig nog geen papegaaien te zien, wel zagen we enkele andere vogels.
Ons ontbijt werd op het platform klaargemaakt en we konden zo dus op ons gemak eten en wachten. Gelukkig stopte de regen na een tijdje en begonnen in de verte de eerste macaws te komen. Het is een kwestie van geduldig zijn, want ze zijn heel schuw. Na lang de kat uit de boom gekeken te hebben, kwamen ze steeds dichterbij. De tui parkieten waren al op de clay lick en uiteindelijk volgden de vele papegaaien ook. Heel mooi om te zien. Plots sloeg een van de papegaaien alarm en vlogen ze allemaal terug naar een veilige plek. We bleven hier een zestal uur genieten van de natuur en het spektakel. Tegen half twee moesten we dan terugwandelen naar de boot en vervolgens was het al meteen lunchtijd bij aankomst aan onze kampplaats.
Hierna kregen we even 20 minuutjes pauze en wie dan wou, kon mee op zoek naar dieren in de tuin. Wij waren na 10 minuten dus al paraat en hoofddoel voor ons waren de kolibries. Deze zijn heel mooi, maar enorm snel, dus moeilijk te vinden. We vonden er tussen de bloemen toch enkele en zagen voor de rest nog veel macaws, parakieten, oropendolla’s, etc. Toen het begon te schemeren, gingen we ons klaarmaken voor de avondwandeling. Dit keer vonden we veel diertjes, vermits het vanochtend wat geregend had. We vonden een diversiteit aan kikkers, een grote wolfspin en nog wat insecten. Bij terugkomst aan de lodge, kregen we ons laatste avonddiner en de briefing voor morgen, onze laatste dag in het amazonewoud. Vervolgens was het alweer slaaptijd, want om 04:50 moeten we weer paraat staan voor onze laatste dag.
Om 04:50 moesten we al paraat staan om te vertrekken met de boot. Na een boottochtje van een drietal uur kwamen we aan in Colorado Town. Hier werden we door drie grote pick-ups opgewacht en zouden we over land naar de volgende rivier gebracht worden. Na een hobbelige rit over bruggen en wegen, die er niet als bruggen en wegen uitzagen, kwamen we aan bij de volgende rivier. Hier moesten we terug het bootje in en werden we naar de overkant gebracht. Daar stond dan ons uiteindelijke vervoermiddel, het busje, te wachten.
In totaal was het een busrit van 8 uur door een mooi landschap met veel bochten. Bovendien gingen we ook terug de hoogte in, met als hoogste punt 4700m. Het eerste stuk landschap was nog mooi groen en voelde nog aan als amazonewoud. Na een tijdje veranderde het landschap naar bergen en op het laatste zelfs sneeuw. Best koud tijdens de plaspauzes, als je van tropisch warm komt. Maar wel een prachtig landschap. Onderweg kregen we ook onze lunch en mochten we af en toe even de benen strekken.
Om 18:00 kwamen we dan per taxi aan in onze verblijfplaats. Hier stond onze bagage nog netjes op ons te wachten. We gingen overheerlijk lamsvlees eten in een gezellig restaurantje en daarna regelde ik nog een taxi om ons naar Cuzco airport te brengen morgen. We moesten onze bagage nog tegoei intasten en verdelen, dus de avond was snel om. Nu ons bedje in, want om 03:40 gaat de wekker voor onze vlucht van Cuzco naar Lima.


